Ondanks het gure winterweer stroomde het Parkstad Limburg Theater in Heerlen zondagavond vol voor een bijzondere samenwerking tussen de Noorse singer-songwriter Maria Mena en Amsterdam Sinfonietta. De uitverkochte zaal getuigde van de verwachtingen rondom deze unieke ontmoeting tussen pop en klassiek.
De avond opende met het Amsterdam Sinfonietta dat zonder Mena het podium betrad voor de ‘Ouverture’ uit ‘Candide’ van Leonard Bernstein. Het zette meteen de toon voor een avond waarin de grenzen tussen genres verfloeiden. Wat volgde was een meesterlijk staaltje muzikale vertaalkunst: Mena’s eigen nummers en haar keuze aan covers werden zo vakkundig gearrangeerd voor het klassieke ensemble dat de symbiose volkomen natuurlijk aanvoelde.
Tussen de nummers door toonde Mena zich van een kwetsbare kant. Met eerlijke, persoonlijke verhalen creëerde ze een intimiteit die de concertzaal deed krimpen tot huiskamerformaat. Die openhartigheid vormde een krachtig contrast met de orkestrale volheid van de muziek, maar versterkte tegelijkertijd de emotionele impact van haar songs.
Het programma wisselde organisch tussen Mena’s eigen werk zoals ‘You’re the Only One’, ‘Eyesore’ en ‘Just Hold Me’, en klassieke tussenspelen waarin Amsterdam Sinfonietta solo speelde. Coplands ‘Hoe-Down’ uit het ballet ‘Rodeo’ bracht een onverwachte luchtigheid, terwijl fragmenten uit Bernsteins ‘West Side Story’ – waaronder ‘Maria’ en ‘I Feel Pretty’ – de brug sloegen tussen de theatermuziek en Mena’s popgevoeligheid.
De kracht van de avond lag in Mena’s coverversies. ‘Uninvited’ van Alanis Morissette, Hansons ‘I Will Come to You’, Amy Winehouses ‘Back to Black’ en Linkin Parks ‘Crawling’ kregen stuk voor stuk een nieuwe gelaagdheid door de strijkers en blazers. De arrangementen respecteerden de essentie van de originelen, maar lieten ze tegelijkertijd anders ademen.
Ook de klassieke kant van het programma werd organisch in de flow van de avond verweven. Schumanns ‘Kind im Einschlummern’ uit ‘Kinderszenen’ leidde naadloos naar Mena’s eigen ‘My Lullaby’, terwijl Griegs fragmenten uit ‘Peer Gynt’ – waaronder ‘The Death of Åse’ en ‘Solveig’s Song’ – een Skandinavische verbinding legden met Mena’s Noorse roots.
Tegen het einde van de avond had de combinatie van Mena’s kwetsbaarheid en de orkestrale kracht een bijzondere sfeer gecreëerd. Na ‘All This Time (Pick-Me-Up Song)’ riep het publiek om meer, waarop Mena terugkeerde met een cover van Anne Grete Preus’ ‘Når himmelen faller ned’ en afsloot met haar eigen ‘All the Love’.
De samenwerking tussen Maria Mena en Amsterdam Sinfonietta bewees dat klassieke muziek en pop niet alleen kunnen samengaan, maar elkaar kunnen verrijken. Door de zorgvuldige arrangementen en Mena’s authentieke presentatie ontstond een avond die zowel muzikaal als emotioneel raak was.
Foto’s (c) Vic Geurts

