Iedere week komen er tientallen nieuwe albums binnen op de redactie van Maxazine. Veel te veel om ze allemaal te beluisteren, laat staan te recenseren. Iedere dag één recensie zorgt ervoor dat er te veel albums blijven liggen. En dat is zonde. Daarom plaatsen we vandaag een overzicht van albums die op de redactie binnenkomen in korte recensies.
Spirit Adrift – Infinite Illumination
Spirit Adrift stopt ermee, of beter gezegd, multi-instrumentalist Nate Garrett stopt met het maken van nieuwe muziek onder de naam Spirit Adrift. Het begon allemaal in 2015 als solo-project van Nate Garrett. Vanaf 2017 evolueerde Spirit Adrift naar een echte band en verschoof ook de muzikale koers van doom naar een meer traditionele heavy-metal sound. ‘Infinite Illumination’ is het zesde en dus tevens laatste album van deze Amerikaanse band die haar stempel heeft weten te drukken op het genre. Op ‘Infinite Illumination’ doen ook nog een aantal grote namen mee als gastmuzikanten. We horen de gitaristen James Murphy (Death,Testament, Obituary) op ‘I Am Sustained’, Steve Jansson (Crypt Sermon,Daeva) op ‘White Death’ en de veelzijdige Arthur Rizk, drijvende kracht en gitarist van onder andere Eternal Champion en een van de meest gevraagde producers in de moderne heavy-metal en hardcore. Op een betere manier kon Nate Garrett geen afscheid nemen. De zwanenzang van Spirit Adrift krijgt dan ook een dikke voldoende. (Ad Keepers) (8/10) (20 Buck Spin)

Grammofon – Fabelagtige Forviklinger
Peter Bang og Svend Olufsen. Menig audiofiel zal bij die namen opveren. De grondleggers van het Deense Bang & Olufsen onderscheidden zich vooral door het design van hun elektronica. Daarvoor ontwikkelden ze een eigen designtaal dat nog het best als stijlvol sober kan worden omschreven. En die designtaal kunnen we ook plakken op het werk van een ander Deens duo. De titel ‘Fabelagtige forviklinger’ laat zich niet eenvoudig vertalen. Wonderlijke verwikkelingen. Zodra je de eerste tonen van dit album hoort, heb je wel direct een beeld bij de titel die saxofonist Niels Oldin en gitarist Jacob Frandsen aan dit album hebben gegeven. Saxofoon en gitaar verstrengelen zich letterlijk in de composities. Daar moet je het als luisteraar ook mee doen: gesprekken tussen zes snaren en 25 kleppen, verpakt in lyrische, speelse melodieën en sobere arrangementen die vooral de elegantie van de composities benadrukken. Die soberheid en elegantie maak dit intiem, maar ook kwetsbaar. Deze twee muzikanten hebben slechts elkaar en dat leidt soms tot te grote voorzichtigheid. Na een paar tracks ga je toch verlangen naar iets dat meer spanning oproept. Maar wie zich overgeeft aan die verstilde dialoog, ontdekt juist in die terughoudendheid een schoonheid die niet schreeuwt, maar fluistert en daardoor toch blijft luisteren. Peter en Svend zouden trots zijn geweest. (Jeroen Mulder) (7/10) (Grammofon/Zack’s Music)

Internal Bleeding – Settle All Scores
Even een kleine waarschuwing van tevoren. Dit album is niet nieuw. ‘Settle All Scores’ dateert van 17 oktober 2025 en is uitgebracht door platenmaatschappij Maggot Stomp. Dit is de officiële Europese CD-editie die is uitgekomen op 17 april van dit jaar door platenmaatschappij Back On Black. De release valt samen met hun aankomende Europese tour die is gestart op 22 april. Dit zevende album verschilt niet bijster veel van de voorgaande zes. Als je een Internal Bleeding-album opzet, weet je wat je te horen krijgt. Brute slam/deathmetal met de nadruk op grooves en breakdowns. De overstap naar platenmaatschappij Maggot Stomp heeft de band hoorbaar goed gedaan. Internal Bleeding klinkt fris en gretig en de nieuwe zanger Steve Worley, afkomstig van Sacrifical Slaughter, vervangt Joe Marchese meer dan goed. De gitaren op ‘Settle All Scores’ klinken geweldig, maar de drums en bas zijn te veel naar de achtergrond geschoven. Dit type muziek vereist juist een bottom-endproductie en deze ontbreekt op dit verder uitstekende slam/death-album. Er zijn ook vocale gastbijdragen op dit album. Drie van deze gastzangers hebben in het verleden deel uitgemaakt van Internal Bleeding. Frank Rini is te horen op ‘Deliberate Desecration’, Joe Marchese op ‘Empire Of Terror’ en Jay Lowe op ‘Glorify The Oppressor’. Skinless-zanger Sherwood Webber hoor je op ‘Prophet Of Deceit’ en Never Ending Game-frontman Mikey Petroski op ‘Deliberate’. Als je geen vernieuwing verwacht, wat bij het merendeel van de liefhebbers van dit genre het geval is, heb je er met dit album weer een degelijk album bij. (Ad Keepers) (7/10) (Back On Black)

Lis Wessberg feat. Veronica Rud – In the Wake of the Blue
Componist en bandleider Lis Wessberg gooit het radicaal over een andere boeg. Daar waar op eerder werk de hoofdrol was weggelegd voor haar trombone, gunt ze die rol nu aan zangeres Veronica Rud. Met die koerswijziging verlaat Wessberg de traditionele jazz en verkent ze op ‘In the Wake of the Blue’ veel meer de grenzen van popmuziek. En dat levert een paar verrassende stukken op. Aanvankelijk word je in de glazuurvernietigende, mierzoete opening ‘The Promise’ nog op het verkeerde been gezet en ontstaat de vrees dat dit een plaat wordt met een hoog knuffelpopgehalte. Dat beeld wordt gelukkig rechtgezet met ‘Longing’, dat op een laatste plaat van Bowie niet zou hebben misstaan. Naast het licht korrelige, donkere timbre van Rud horen we ook een Wessberg in vorm, inclusief die typische aanzet (het blazen voordat de daadwerkelijke toon klinkt) die haar geluid kenmerkt. Wessberg is als een van de weinigen in staat om een trombone te laten zuchten, om vervolgens vol uit te halen. Dat laatste had overigens best vaker gemogen. Even een tikje verder buiten de lijntjes. Beheersing is een deugd, maar ‘In the Wake of the Blue’ bezwijkt hier en daar bijna onder de nuances en de intimiteit. (Jeroen Mulder) (7/10) (April Records)

Noah Kahan – The Great Divide
Vier jaar na het doorbraakalbum ‘Stick Season’ keert de Vermontse singer-songwriter Noah Kahan terug met zijn meest ambitieuze werk tot nu toe. ‘The Great Divide’ is een zeventien tracks tellend conceptalbum over de kloof tussen wie je was en wie je bent geworden, over de spanning tussen roem en roots, stad en platteland, vriendschap en afstand. Kahan, die inmiddels stadions vult en twee Grammy-nominaties achter zijn naam heeft, worstelt openlijk met zijn eigen succes. Op ‘End of August’ opent hij het album met een melancholische autoreis langs vertrouwd landschap, terwijl nummers als ‘Porch Light’, ‘Haircut’ en ‘Dashboard’ de soms pijnlijke confrontaties verbeelden met mensen die hij achterliet. Producenten Gabe Simon en Aaron Dessner geven het geheel een warmer, gelaagder geluid dan ‘Stick Season’. De titelsingle brak als eerste single door en toont Kahans gave voor anthemische refreinen die even persoonlijk als universeel aanvoelen. Het album is lang en vereist geduld, maar beloont de luisteraar met een coherente emotionele reis. Veel critici zijn het erover eens dat Kahan hier zijn eigen magnum opus overtreft. (William Brown) (8/10) (Mercury Records)

