Elke keer als Taylor Momsen haar keel opentrekt bij The Pretty Reckless, is het lastig om niet even terug te denken aan ‘How the Grinch Stole Christmas’ uit 2000, waarin ze als Cindy Lou Who nog de onschuld zelve was. Dat uitgerekend dat meisje later zou uitgroeien tot het rauwe boegbeeld van een rockband, blijft een aantrekkelijk contrast. Alleen is zo’n opmerkelijke transformatie nog geen garantie voor sterke platen. ‘Dear God’ bewijst dat opnieuw.
De plaat opent met ‘The Evermore, Pt. 2’, een kort intermezzo dat samen met ‘Pt. 1 en Pt. 3’ een zweem van samenhang en ambitie suggereert. Heel even lijkt het alsof The Pretty Reckless een andere afslag neemt, maar al snel wordt duidelijk dat de band gewoon teruggrijpt op het vertrouwde recept: stevige, toegankelijk geproduceerde rock met een duister randje.
Dat is meteen het probleem van ‘Dear God’. Momsen beschikt nog altijd over een stem die zich moeiteloos door een muur van gitaren heen boort, maar de nummers missen te vaak een echt scherp profiel. ‘For I Am Death’ begint nog veelbelovend met een korte riff, maar zakt daarna terug in een tamelijk voorspelbaar ritme. ‘When I Wake Up’ heeft in de basis iets energiek punkachtigs, maar blijft steken in een nette, afgemeten uitvoering. Pas in ‘Dragonfly’ komt er wat meer vaart, schwung en overtuiging in het spel, alsof de band daar eindelijk even vergeet binnen de lijntjes te kleuren.
Ook tekstueel valt er weinig te halen. The Pretty Reckless mikt regelmatig op grootse thema’s als dood, onrust, verval en maatschappelijke ongelijkheid, maar zelden worden die onderwerpen echt interessant uitgewerkt. In ‘Eye of the Storm’ blijft de observatie dat de rijken rijker worden en de rest achterblijft, steken in teksten die urgentie willen uitstralen, maar te vaak klinken als eerste versies die nooit een laatste redactieronde hebben gehad.
Daarmee is ‘Dear God’ geen slechte plaat, maar vooral een frustrerende. Alles is aanwezig om indruk te maken: een charismatische zangeres, een band die degelijk en zwaar kan spelen, en een productie die krachtig genoeg klinkt voor grote zalen en festivalweides. Maar juist doordat The Pretty Reckless zo nadrukkelijk kiest voor gecontroleerde, publieksvriendelijke rock, blijft de plaat hangen in degelijkheid. Het album luistert prima weg, zonder echt te schuren, te verrassen of zich vast te bijten. Live zal Momsens houding ongetwijfeld veel goedmaken, maar op plaat is bravoure alleen niet genoeg. Zelfs God kan daar weinig aan veranderen. (6/10) (Fearless)
