Er is weinig dat Dillom niet aandurft. De Argentijnse rapper uit Buenos Aires brak in 2018 door met het zelfgeproduceerde ‘Dripping’ en werd al snel gezien als het boegbeeld van de nieuwe Argentijnse trapgolf, mede dankzij zijn samenwerking met producer Bizarrap. Sindsdien bouwde hij met zijn eigen label Bohemian Groove een reputatie op als een artiest die genregrenzen behandelt als suggesties in plaats van regels, met albums als ‘Post Mortem’ en ‘Por cesárea’ waarin hip hop, rock en pop moeiteloos door elkaar lopen. Na twee jaar radiostilte, waarin hij vooral op de achtergrond bleef met gastbijdragen en een enkele single, keert hij nu terug met ‘La Nueva Violencia’, aangekondigd met een weken durende, bijna theatrale promotiecampagne vol kartonnen figuren en cryptische livestreams.
Die neiging tot spektakel zit ook in de muziek zelf. De plaat opent onstuimig, met productie die schuurt tussen verwrongen gitaren en harde beats, precies het soort spanningsveld waar Dillom al jaren in uitblinkt. Waar veel van zijn Latijns-Amerikaanse generatiegenoten zich richten op gladde, radiovriendelijke trap, kiest hij bewust voor iets rafeligers. Nummers wisselen van sfeer zonder waarschuwing, een fluisterend couplet kan zomaar overgaan in een schreeuwende uitbarsting, en die onvoorspelbaarheid is precies wat zijn muziek de afgelopen jaren zo boeiend maakte.
Toch is ‘La Nueva Violencia’ geen gemakkelijke plaat. Waar ‘Post Mortem’ nog verraste met zijn brutaliteit en ‘Por cesárea’ een meer kwetsbare kant liet zien, voelt dit album als een synthese van beide, zonder dat het altijd een duidelijke eigen identiteit vindt. Er zijn momenten van grote schoonheid, waarin Dillom zijn stem gebruikt als instrument op zich, breekbaar en dan weer keihard, en er zijn passages die eerder als losse experimenten aanvoelen dan als afgeronde composities. Dat maakt de plaat rijk om te ontdekken, maar ook wat ongelijk in kwaliteit.
Titelnummer ‘La Nueva Violencia’ zelf draagt de zwaarste lading, een compositie die begint als een sober pianostuk en uiteindelijk uitmondt in een chaotische climax vol vervormde stemmen, alsof Dillom zijn eigen onrust hoorbaar wil maken. Elders duikt hij dieper in de melancholie die zijn werk sinds ‘Por cesárea’ typeert, met teksten die minder over spektakel gaan en meer over de leegte die na dat spektakel overblijft. Het contrast tussen die introspectieve momenten en de bijna theatrale bombast elders op de plaat zorgt voor een rit vol wendingen, niet altijd comfortabel, maar zelden saai.
Wat ‘La Nueva Violencia’ vooral laat zien, is een artiest die weigert stil te staan. Dillom had na twee kritisch geprezen albums voor de veilige weg kunnen kiezen, maar kiest juist voor iets ongrijpbaars, iets dat zich moeilijk laat samenvatten in een enkele stijl of genre. Dat vraagt om geduld van de luisteraar, en niet elk experiment slaagt evengoed, maar de ambitie en de artistieke moed die uit elke minuut spreken, maken deze plaat tot een van de meest intrigerende Latijns-Amerikaanse releases van het jaar. Een sierlijke chaos, gedragen door een artiest die zijn eigen regels blijft schrijven. (8/10) (Bohemian Groove)
