Een nieuwe zangeres erbij halen na meer dan tien jaar trouwe dienst van je vorige frontvrouw, dat is geen kattenpis. Amberian Dawn doet het toch en levert meteen het bewijs dat de Finnen niet van plan zijn op hun lauweren te rusten. Met ‘Temptation’s Gates’ presenteert de symphonic metalband niet alleen hun negende studioalbum, maar ook een compleet nieuw hoofdstuk.
Tuomas Seppälä is al sinds de oprichting in 2006 de drijvende kracht achter Amberian Dawn. Als toetsenist, gitarist en componist bepaalt hij grotendeels het geluid van de band, en dat geluid stond altijd garant voor bombastische koortjes, gallopende ritmes en een flinke scheut fantasy. Na het uitstapje met de ABBA-tributeplaat ‘Take a Chance’ in 2022 vertrok zangeres Capri, die meer dan tien jaar het gezicht van de band was. Haar opvolger is de Zweeds-Engelse Nicole Willerton, en die vrouw blaast er meteen nieuw leven in.
Opener en titeltrack ‘Temptation’s Gates’ trapt het album zonder omhaal af. Het nummer is kort, hard en zonder genade, met een klassiek gitaar-toetsenbordduel dat fans van het oude Amberian Dawn-geluid recht in de roos schiet. Daarna volgt ‘The Vision Of Dreaming’, een track met een riff die je niet snel meer uit je hoofd krijgt en waarin Willerton laat horen dat ze meer is dan alleen een zoetgevooisde fee. ‘Moon’ gooit er nog een schepje bovenop qua tempo en mondt uit in blastbeat-territorium, terwijl ‘Unchained’ de eerste growls in de geschiedenis van de band laat horen. Die ruwe randjes, gecontrasteerd met Willertons hemelse zang, voelen verrassend vers aan voor een band die al twintig jaar meegaat.
De inspiratie voor de teksten komt deels uit Baudelaire’s ‘Les Fleurs du mal’, en dat merk je. Waar Amberian Dawn vroeger vooral fantasyverhalen vertelde, gaat het nu over verlangen, identiteit en de innerlijke worsteling tussen wie je denkt te moeten zijn en wie je werkelijk bent. Dat klinkt zwaarder op de hand dan we van deze band gewend zijn, en dat werkt verrassend goed. ‘Eternal Flame’ en ‘Life is Art’ zijn de epische hymnes die je verwacht, compleet met fraai gitaarwerk, maar zonder dat het ooit goedkoop aanvoelt.
Het geheel klinkt minder zoetsappig dan op de vorige platen, met een metalgeluid dat duidelijk de overhand krijgt boven het symfonische jasje. Dat is een bewuste keuze, en je voelt dat de band daar zelf ook enthousiast van wordt. Seppälä omschrijft het zelf als het gevoel van weer helemaal opnieuw beginnen, en die energie sijpelt door elk nummer heen.
Is het allemaal even sterk? Niet helemaal, een paar nummers in het middenstuk van de plaat leunen iets te veel op het vertrouwde recept en hadden van mij een tandje scherper gekund. Maar als geheel is ‘Temptation’s Gates’ een plaat die laat horen dat een bandwissel niet per se een zwaktebod is. Sterker nog, met Willerton aan het roer klinkt Amberian Dawn fitter dan in jaren.
Voor fans van Nightwish, Within Temptation en Epica is dit een verplicht nummer. Voor wie de band kende van de ABBA-coverplaat: vergeet die even, dit is andere koek, en behoorlijk smakelijke koek ook. Met ‘Temptation’s Gates’ bewijst Amberian Dawn dat er na twintig jaar nog volop leven zit in het symphonic metalgenre, en dat een frisse stem soms precies is wat een band nodig heeft om weer te knallen. (8/10) (Napalm Records)
