

Tussen de nummers door nam MEAU de tijd voor kleine momenten met het publiek. Tijdens het stemmen van de gitaren deelde ze feitjes over Breda en blikte ze terug op haar beginperiode tijdens corona, toen ze vanuit huis muziek maakte en via de radio haar eigen nummers onder de aandacht bracht. Muzikaal waren er hoogtepunten in een gevoelige gitaarsolo tijdens ‘Onbereikbaar’ en een subtiel pianostuk op de toetsen. Het eerste deel sloot ze passend af met ‘Calmte’, een verstild moment vlak voor de pauze.

Na de pauze veranderde de sfeer merkbaar. Het tweede deel voelde energieker en losser, met meer uptempo nummers en een podium dat volledig werd benut. Vrolijke melodieën en zelfs een moment met mondharmonica zorgden voor een nieuwe energie in de zaal.

Toch bleef de connectie met het publiek de rode draad. Tijdens een duetmoment klonk de vraag: “Kan je niet nog even blijven?”, waarna de zaal het refrein zachtjes overnam. Ze benoemde hoe lastig het soms was om intieme nummers te zingen voor een zaal vol blikken, maar juist door ze te delen werden ze van iedereen.

Richting het einde mocht het publiek gaan staan en schoof de energie. Met het nummer ‘In het midden’ sloot ze het hoofddeel af, waarna ze nog terugkwam voor een toegift. Samen met een vriend zong ze een persoonlijk nummer, gevolgd door ‘Proosten’, waarbij steeds meer telefoons oplichtten en de zaal veranderde in een zee van licht.

Met ‘Een nacht als deze’ als afsluiter eindigde de avond zoals hij bedoeld was: mensen stonden, klapten en dansten.
Foto’s (c) Vivian van der List
