Andrew Stockdale en Wolfmother: het is inmiddels bijna een verhaal op zichzelf. De band begon ooit met medeoprichters Chris Ross en Myles Heskett, maar na het grote succes van het titelloze debuutalbum ‘Wolfmother’ en de daaropvolgende tour liepen de onderlinge spanningen hoog op. Bassist Ross stapte uit en drummer Heskett zag weinig meerwaarde in een voortzetting zonder hem. Ook hij legde zijn drumstokken neer.
Sindsdien is Wolfmother, met wisselende bezettingen, in feite een vehikel voor Stockdale geworden. Na een radiostilte en een matig ontvangen eerste soloalbum keerde hij terug onder de naam Wolfmother. Het in 2014 verschenen ‘New Crown’ wist het momentum van het debuut en het sterke ‘Cosmic Egg’ echter niet volledig terug te brengen. Met ‘Victorious’ uit 2016 en het laatste album ‘Rock Out’ uit 2021 liet Stockdale wel horen dat er nog voldoende levensadem in Wolfmother zat. Live blijkt daar in ieder geval nog volop sprake van.
Voor het optreden in de Muziekgieterij in Maastricht had Stockdale bassist James Wassenaar en drummer Christian Condon meegenomen. Condon trok met zijn seventies-T-shirt en kapsel dat sterk aan Martin Brozius deed denken meteen de aandacht. Belangrijker: achter de drumkit bleek hij ook muzikaal een sterke troef.
De Muziekgieterij was zowel beneden als op het balkon gezellig gevuld. Het publiek had duidelijk zin in anderhalf uur stevige rock-‘n-roll. Ondanks het wat achterstallige succes van Wolfmother bij een breed publiek, weet de band live nog altijd een behoorlijke groep liefhebbers aan zich te binden.
De podiumopstelling was eenvoudig. Linksvoor stond Stockdale, omringd door een viertal versterkers en een indrukwekkende hoeveelheid pedalen. Achter hem, op een verhoging, stond de drumkit van Condon, terwijl Wassenaar rechts op het podium alle ruimte had met zijn bas. Stockdale zelf was nauwelijks meer te herkennen als de man met de enorme bos dikke, omhoogstaande krullen uit de beginjaren. Toen hij het podium opliep, was de eerste gedachte eerder: John Oates in een panterbroek, met gladde schoenen en een dito snor. Maar nee, het was toch echt de inmiddels vijftigjarige Stockdale.
Na een kort ‘hallo’ werd direct ingezet met ‘Dimension’ van het debuutalbum ‘Wolfmother’. Daarmee was de toon meteen gezet. Het geluid kwam stevig uit de boxen en ook ‘White Unicorn’ en het Grammy-winnende ‘Woman’, eveneens afkomstig van het debuut, maakten al snel duidelijk waar de nadruk van de avond lag.
Die keuze bleek een goede. Het titelloze debuutalbum werd vrijwel volledig uit de kast getrokken. Alleen ‘Colossal’, ‘Pyramid’ en ‘Witchcraft’ ontbraken. Uiteraard kon ook ‘Joker & the Thief’ niet ontbreken. Wanneer dat nummer later in de set werd ingezet, kwam de zaal stevig in beweging.
Het sterke ‘Cosmic Egg’ kwam er daarentegen bekaaid vanaf. Naast het pakkende ‘New Moon Rising’ werd er niets van het album gespeeld. Van ‘Rock Out’ uit 2021 kregen we ‘Rock Out’ en ‘Feelin’ Love’ te horen. ‘Midnight Train’, dat het album uiteindelijk niet haalde maar wel afzonderlijk werd uitgebracht, maakte het aantal nummers van die periode compleet. ‘New Crown’ uit 2014 werd volledig overgeslagen.
Voor het publiek leek dat nauwelijks een probleem. Het kreeg vooral de nummers waarvoor het gekomen was: stevige riffs, herkenbare melodieën en de energieke rock die Wolfmother vanaf het debuut kenmerkt. Stockdale en zijn band speelden met zichtbaar plezier en overtuiging. Vooral drummer Christian Condon was een genot om naar te luisteren. Zijn strakke, krachtige spel vormde een uitstekende basis voor het gitaargeluid van Stockdale, terwijl de plukkende baspartijen van Wassenaar daar naadloos op aansloten.
Een kleine kanttekening was er wel. De stem van Stockdale had enige tijd nodig om los te komen. De scherpe, hoge en venijnige zang die op de vroege Wolfmother-platen zo kenmerkend was, heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een wat rafeliger geluid. Dat kwam niet altijd even goed uit de verf en bij sommige passages was duidelijk hoorbaar dat de jaren hun sporen hebben nagelaten. Toch werd dit nergens een grote stoorzender. De energie van de band, het gitaarwerk en de sterke ritmesectie vingen veel op.
Stockdale leek zelf minstens zoveel plezier te hebben als het publiek. Op een gegeven moment zag hij iemand in de zaal een nummer met Shazam herkennen. Gekscherend merkte hij op dat het nummer gewoon op het debuut stond en dat diegene het ook kon streamen. Misschien zou hij daar dan nog wel 0,000001 procent van overhouden, genoeg voor een biertje die avond.
Na een korte onderbreking kwam ‘Victorious’ als toegift. Daarmee werd een optreden afgesloten dat sterk teruggreep op de hoogtijdagen van Wolfmother. De band bracht een vintage geluid dat duidelijk geworteld is in de jaren zeventig, met echo’s van Led Zeppelin en Black Sabbath. ‘Midnight Train’ riep daarbij zelfs associaties op met de Jimi Hendrix Experience, maar dan alsof het geheel op 78 toeren werd afgespeeld.
Wolfmother mag als albumact misschien wat van zijn oorspronkelijke momentum hebben verloren, live blijkt de formule nog altijd te werken. In de sfeervolle Muziekgieterij zette Andrew Stockdale met zijn huidige band een gedreven en overtuigend optreden neer. Niet alles was vocaal meer zo scherp als vroeger en de setlist leunde zwaar op het debuut, maar juist die nummers bleken nog altijd overeind te staan. De afsluiter ‘Victorious’ bleek daarmee een toepasselijke titel: Wolfmother kwam, speelde en liet zien dat er na al die jaren nog steeds behoorlijk wat leven zit in de oude rock-‘n-rollmachine.
