Momo Boyd debuteert als soloartiest met ‘Miss Michigan’, een EP van zeven tracks op Roc Nation die in 22 minuten laat horen dat de jongste Boyd veel meer in huis heeft dan haar rol bij familieband Infinity Song doet vermoeden.
Thalia ‘Momo’ Boyd groeide op in Detroit als jongste van een muzikaal gezin dat later naar New York verhuisde. Haar ouders richtten de Boys & Girls Choirs of Detroit op, en al op kleuterleeftijd stond ze met haar broers en zussen te zingen in Central Park. In 2016 tekende de familie als Infinity Song bij Roc Nation, nadat Jay-Z een video van hun straatoptredens had gezien. De band scoorde viral hits met ‘Haters Anthem’ en ‘Slow Burn’, maar het was Momo’s feature op Baby Keems ‘Good Flirts’ naast Kendrick Lamar, begin 2026, die haar definitief op de kaart zette als individueel talent. Dit is geen EP die braaf binnen de lijntjes kleurt. Boyd springt van melancholische indiefolk naar country met een knipoog, van gospelgezang naar iets wat het beste omschreven kan worden als nineties-pop met een moderne finish. Die genresprongen voelen niet geforceerd. Ze komen voort uit een artiest die is opgegroeid met klassiek, gospel en jazz, en die al die invloeden moeiteloos door elkaar husselt.
‘Cold Hands’ opent de EP met ingehouden kwetsbaarheid. Boyds alt klinkt hier als een warmere variant van Dolores O’Riordan, twijfelend en zoekend boven spaarzame gitaarlijnen. Het is een nummer dat ruimte laat, en juist daarin zijn kracht vindt. ‘Strong’ draait de rollen om: zelfverzekerd, ritmisch en met een refrein dat dagen blijft hangen. ‘Big Country’ is het enige onversneden liefdeslied op de plaat, een folkpopnummer met een aanstekelijke twang die doet denken aan Kacey Musgraves op haar toegankelijkst. ‘She’s A Sweetheart’ gaat nog een stap verder in die richting, met een charme die zo uit Nashville had kunnen komen.
En dan is daar ‘Oops’. Wie het album voor het eerst hoort, wrijft bij dit laatste nummer even in de ogen. Boyd parkeert haar gitaar en duikt met volle overgave in swingende R&B die regelrecht verwijst naar het beste van TLC en Britney Spears in hun hoogtijdagen. Het is brutaal, poppy en onverwacht, het soort nummer dat je na drie keer luisteren nog steeds op repeat zet. Producenten Khris Riddick-Tynes en Ashton “SNW” Northful geven het nummer precies de juiste dosis speelsheid. Met zeven nummers in 22 minuten is ‘Miss Michigan’ aan de korte kant. Tracks als ‘Second Best’ en ‘American Love Song’ verdienen meer ruimte dan ze krijgen. Dat geldt eigenlijk voor de hele EP: net als je erin zit, is het voorbij. Boyd heeft genoeg te vertellen voor een volwaardig album, en de vraag is of dit compacte formaat haar recht doet. Daarnaast zou een luisteraar die Boyd niet kent via de Keem-feature, verrast kunnen worden door het overwegend rustige karakter van de eerste vijf tracks. De EP vraagt geduld, dat pas bij ‘Oops’ beloond wordt met een uitbundige afsluiter.
‘Miss Michigan’ is het werk van een artiest die weet wie ze is en waar ze vandaan komt. Boyd combineert de harmonische rijkdom van haar familieachtergrond met een schrijfstijl die persoonlijk is zonder pretentieus te worden. In een landschap waar debuut-EP’s vaak klinken als visitekaartjes voor A&R-managers, klinkt dit als muziek die voor zichzelf spreekt. De vergelijking met Lana Del Rey en Kacey Musgraves ligt voor de hand, maar Boyd heeft iets eigens: een stem die zowel gospel als grunge aankan, en het lef om een folkplaat af te sluiten met een R&B-knaller. Voor wie een ingang zoekt: wie ‘Dreams’ van Fleetwood Mac waardeert en geen nee zegt tegen ‘No Scrubs’ van TLC, vindt in Momo Boyd een artiest die beide werelden met overtuiging bij elkaar brengt. (8/10) (Roc Nation)
