De Next-zaal van 013 was precies de juiste ruimte voor wat Zuco 103 die avond te bieden had: geen afstandelijk podiumspektakel, maar muziek die je in de nek grijpt en pas loslaat als het licht weer aangaat. Niet te druk, niet te rustig, plek genoeg om te dansen, en dat werd dan ook volop gedaan. De band presenteerde er het nieuwe album ‘Mais Além’, en de keuze voor een intieme setting bleek geen toeval. Dit is materiaal dat dichtbij wil zijn.
Het voorprogramma lag bij Shana, de multi-instrumentaliste die met haar EP ‘Big Fish’ een eigen geluid zoekt ergens tussen ambient en singer-songwriter. Haar set was bescheiden van omvang maar niet van ambitie. Wie de tijd nam om te luisteren, hoorde een artiest die haar weg nog aan het uitstippelen is, maar al wel weet welke richting ze op wil. Experimenteel en energiek, en een aardige opwarmer voor Zuco 103.
Toen Zuco 103 het podium betrad, was de sfeer meteen anders. Lilian Vieira heeft het zeldzame vermogen om een zaal onmiddellijk naar haar hand te zetten zonder er iets voor te doen. Ze staat er gewoon, en iedereen kijkt. De openingsnummers van ‘Mais Além’ maakten duidelijk dat de band niet in een nostalgische terugblik was gestapt, maar vooruitkijkt, al nemen ze hun verleden mee. De titeltrack zette de toon: warme Braziliaanse grooves die verweven zijn met elektronische texturen en jazzharmonieën die nooit opdringerig worden.
Vieira schreef de teksten van ‘Mais Além’ in een periode kort na het overlijden van haar vader, en ook dat was in de zaal te voelen. Niet door iets wat ze zei, maar door de manier waarop ze zong. De nummers die over verlies en thuiskomen, kregen een gewicht dat verder reikte dan de dansvloer. Stefan Schmid op zijn Fender Rhodes en Stefan Kruger op drums zorgden voor arrangementen die die spanning vasthielden zonder haar op te lossen in sentimentaliteit. Bassist Alex Oele, die steeds meer een vast element van Zuco 103 begint te worden, pakte ook vaker die rol van vast bandlid, en wisselde af met zijn Moog Subsequent 37, en durfde met regelmaat op de voorgrond te stappen voor een solo.
Nieuw in de live-bezetting was Thomas Elbers, beter bekend als Kypski (Voorheen C-Mon & Kypski), die de draaitafels voor zijn rekening nam. Zijn aanwezigheid was goed voelbaar en het scratchen past goed bij Zuco 103. De nieuwe muziek heeft hierdoor iets wat aan de beste Latijnsgeoriënteerde clubmuziek doet denken, en Kypski’s bijdrage geeft de ritmische laag een extra dimensie die op het album al te horen was, maar live nog sterker uitkomt. Hier en daar kon men denken aan flarden van de stijl van Da Lata’s ‘Fabiola’-tijdsperk, en dat is zeker niet vreemd, aangezien beide bands al jaren goed bevriend zijn.
‘Me Botou Pra Dançar’ was het moment waarop de zaal echt losging, en dat moest ook van Lilian. Het nummer heeft op plaat al iets onweerstaanbaars, maar live ontvouwt het zich als een ding dat steeds complexer wordt naarmate het langer klinkt. Mensen die rustig stonden te luisteren, begonnen te bewegen zonder het zelf goed te merken. De muziek deed de rest: de tracks van het album klonken als een uitnodiging die niemand afsloeg.
‘Zanja’, nog feestelijker dan het meeste Zuco 103-materiaal, pakte het momentum op het juiste moment terug; het werd een van de hoogtepunten van de avond, met de zaal die werd aangespoord vol mee te zingen. Zuco 103 is 27 jaar na de oprichting geen band die op haar lauweren rust. Ze hebben iets te zeggen, en ze weten hoe ze dat moeten zingen.
