Iedere week komen er tientallen nieuwe albums binnen op de redactie van Maxazine. Veel te veel om ze allemaal te beluisteren, laat staan te recenseren. Iedere dag één recensie zorgt ervoor dat er te veel albums blijven liggen. En dat is zonde. Daarom plaatsen we vandaag een overzicht van albums die op de redactie binnenkomen in korte recensies.
Urne – Setting Fire To The Sky
Het uit Londen afkomstige trio Urne brengt met ‘Setting Fire To The Sky’ hun derde album uit. Urne wordt op de ruim negen minuten klokkende eerste single ‘Harken The Waves’ vocaal bijgestaan door niemand minder dan Troy Sanders van Mastodon. Ook horen we de celliste Jo Quail op het melancholische ‘Breathe’. Het album is voorzien van een moderne productie waar Justin Hill (SikTh) verantwoordelijk is. ‘Setting Fire To The Sky’ is een genot om naar te luisteren met invloeden van Mastodon,Gojira en Machine Head. Zo moet moderne metal klinken. Het nieuwe jaar begint al goed. (Ad Keepers) (8/10) (Spinefarm/PIAS)

Ela Minus – DÍA
De Colombiaanse producer en multi-instrumentalist Ela Minus toont met haar tweede album een opmerkelijke artistieke groei. Waar debuut ‘acts of rebellion’ nog bewust intiem en minimalistisch klonk, klinkt ‘DÍA’ zowel introspectief als expansief. De tien nummers zijn gemengd door Marta Salogni en gemastered door Heba Kadry, hetzelfde team achter haar debuut. Opener ‘ABRIR MONTE’ doet denken aan de weelderige rave-golven van Jamie xx, terwijl ‘ONWARDS’ de electroclash uit zijn glorietijd oproept. Singles als ‘BROKEN’ en ‘UPWARDS’ demonstreren hoe Ela Minus de balans vindt tussen pop-toegankelijkheid en experimentele ambitie. Het Spaanstalige ‘QQQQ’ eist dat de wereld nu maar moet eindigen als het zo verder gaat, terwijl het bijna als intermezzo dient voor de tweede helft van het album. De donkere texturen van ‘IDOLS’ en het drumsloze ‘IDK’ voegen gewicht toe aan het geheel, waarbij Ela Minus laat zien dat ze je niet alleen kan laten dansen maar ook aan het denken kan zetten. (Elodie Renard) (8/10) (Domino)

Circa Waves – Death & Love Pt. 1
De Liverpoolse indierockband keert terug met hun zesde album, geboren uit persoonlijke crisis. Frontman Kieran Shudall onderging in 2023 een levensbedreigende hartoperatie, wat de aanleiding vormde voor deze introspectieve maar energieke plaat. De negen nummers zijn geproduceerd door de band zelf en ingenieur Matt Wiggins, bekend van zijn werk met Adele en Lana Del Rey. Opener ‘American Dream’ is gebouwd voor de festivalweides, terwijl ‘Le Bateau’, vernoemd naar een geliefde Liverpoolse club, die elektrische drie uur ’s nachts-sfeer vastlegt. Het album wisselt moeiteloos tussen breezy nummers als ‘Let’s Leave Together’ en prachtige ballads zoals ‘Hold It Steady’ en ‘Blue Damselfly’. De productie helpt een sonisch landschap te creëren dat zowel intiem als expansief aanvoelt. Het album eindigt met ‘Bad Guys Always Win’, waarvan de peppy muziek contrasteert met de wrange teksten. Die titel suggereert dat er nog een vervolg komt, maar in de tussentijd levert ‘Death & Love Pt. 1’ een verrassend solide comeback af van een band die bewezen heeft dat persoonlijke tegenslagen tot krachtige muziek kunnen leiden. (Anton Dupont) (7/10) (Lower Third)

Damon Locks – List of Demands
De Chicagose muzikant en docent Damon Locks presenteert zijn eerste volledige album gebaseerd op gesproken woord en teksten. De twaalf nummers zijn een zeldzaam kunststukje in elektronische muziek, waarbij geavanceerde productie en rumoerige sonics samenkomen met oprechte zelfreflectie. Het album legt een visie van Zwarte bevrijding vast en verspreidt dit als een liedcyclus van korte Nikki Giovanni-meets-MF DOOM-achtige ritme-experimenten. De op samples gebaseerde constructies zijn doordrenkt van niet alleen scherpe culturele observatie maar ook directe gemeenschapsbetrokkenheid. Locks’ decennialange ervaring verbindt de punten tussen experimentele improvisatie, op samples gebaseerde hiphop, punk en poëzie. Op ‘High Priestess’ voegt dichter Krista Franklin haar stem toe, terwijl cornetist Ben LaMar Gay, violiste Macie Stewart en turntablist Ralph Darden diepte en balans aan het project brengen. ‘Isn’t It Beautiful’ combineert drums en viool met Locks’ kenmerkende vocale ritmes, terwijl ‘Meteors of Fear’ turntable scratches gebruikt om zijn gehakte, stotterende samplingsgeluiden verder te ontwikkelen. Het album toont een gefocuste doorsnede van Locks’ gehele werk en is misschien wel het meest Damon Locks-plaat tot nu toe. (Elodie Renard) (8/10) (International Anthem)

Richard Marx – After Hours
Richard Marx. U weet wel: die bos haren die in de jaren tachtig een monsterhit scoorde met ‘Right Here Waiting’. De wilde haren is hij kwijt, maar de rauwe stem is onveranderd en daarmee maakt de man nog steeds muziek. En zoals elke rechtgeaarde, enigszins gearriveerde muzikant moest er natuurlijk ook een big band-plaat aan het oeuvre toegevoegd. Dat is ‘After Hours’. Waar veel artiesten met zijn staat van dienst zich laten dragen door nostalgie, slaagt Marx erin om het album toch verrassend fris te laten klinken, zonder zijn muzikale DNA overboord te gooien. De man grossiert nog steeds in ballads die het glazuur van je gebit laten springen. Daarbij roept hij bovendien ook nog eens de hulp in van bijvoorbeeld Rod Stewart, op ‘Young at Heart’. Stewart mag dan een jong hart hebben, vocaal is het niet best meer. Het is één van de minst geslaagde samenwerkingen op de plaat. Het zij hem vergeven, want in ‘Magic Hour’ en ‘Big Band Boogie’, met een bijdrage van Kenny G, maakt Marx echt alles goed. De kenmerkende stem van Marx heeft door de jaren heen meer diepte gekregen, klinkt nog doorleefder en juist dat past dit repertoire als een jas. In combinatie met gedegen arrangementen en een smetteloze productie levert Marx met ‘After Hours’ een prima album af dat zich kan meten met menig klassiek crooner-album. (Jeroen Mulder) (7/10) (Richard Marx)

