Een concert van Puscifer laat zich niet zomaar vergelijken met een reguliere live show. Het project van Maynard James Keenan, bij het grote publiek vooral bekend als frontman van Tool en A Perfect Circle, beweegt zich ergens tussen alternatieve rock, performancekunst, satire en een flinke dosis absurditeit. Met hun nieuwe album ‘Normal Isn’t’ op zak streek de band donderdagavond 5 november neer in de Amsterdamse Gashouder. En zoals de naam van het album al doet vermoeden: normaal werd het bepaald niet.
Een comedian als voorprogramma
De avond begon met Dave Hill, een Amerikaanse comedian, schrijver en muzikant. Hill is niet bepaald een standaard keuze als voorprogramma. Naast zijn comedywerk speelt hij gitaar en is hij actief met zijn eigen rockband Valley Lodge. Zijn humor is droog, soms ronduit absurd en doorspekt met een flinke dosis rock-’n-roll. Dat bleek een prima opwarmer voor de avond. Bovendien was zijn rol nog niet uitgespeeld. Maar daarover later meer.
De Gashouder, maar dan anders
Ook de locatie zelf verdient aandacht. De Gashouder op het Westergasterrein heeft na een ingrijpende verbouwing een flinke metamorfose ondergaan. Het monumentale gebouw, dat oorspronkelijk onderdeel was van het Amsterdamse gasnetwerk, heeft zijn karakteristieke industriële uitstraling behouden, maar is achter de schermen grondig aangepakt.
Een belangrijk aandachtspunt was de akoestiek. De ronde vorm en de harde materialen van het gebouw maakten het voorheen niet altijd eenvoudig om het geluid goed onder controle te houden. Wie de Gashouder al eerder bezocht, weet dat galm daar nog weleens een eigen leven kon leiden.
Tijdens Puscifer was het verschil duidelijk hoorbaar. Het geluid klonk opvallend helder en krachtig, zonder dat instrumenten in elkaar overvloeiden. Ook op de momenten waarop de muziek wat zwaarder en voller werd, bleef alles goed te onderscheiden. Een aanzienlijke verbetering ten opzichte van eerdere bezoeken. De industriële sfeer is gebleven, maar gelukkig hoeft de muziek niet langer tegen het gebouw op te boksen.
Met de vernieuwde faciliteiten lijkt de Gashouder bovendien klaar voor een bredere programmering. Niet alleen elektronische muziek, maar ook livebands en experimentele producties krijgen hier steeds meer ruimte.
Normal Isn’t
Rond 21.00 uur verscheen Puscifer op het podium. De band bracht een flinke selectie van het nieuwe album ‘Normal Isn’t’, maar vergat daarbij het oudere werk niet. De setlist bood een mooie afwisseling tussen nieuwe nummers en materiaal dat inmiddels al jaren onderdeel is van het repertoire.
Zo kwamen onder meer ‘The Humbling River’, ‘Momma Sed’, ‘Grand Canyon’ en ‘The Remedy’ voorbij. Voor de liefhebbers van het oudere werk was er dus genoeg herkenning, terwijl het nieuwe materiaal voldoende ruimte kreeg.
Op ‘Normal Isn’t’ laat Keenan opnieuw zijn kritische blik op de maatschappij horen. Politieke en maatschappelijke thema’s vormen een belangrijk onderdeel van het album. De teksten zijn scherp en soms behoorlijk confronterend, maar Puscifer verpakt die boodschap op geheel eigen wijze. Een beetje ongemakkelijk, regelmatig absurd en met een flinke dosis zwarte humor.
Dat theatrale aspect is misschien wel wat Puscifer onderscheidt van de andere projecten van Keenan. De muziek staat centraal, maar het totaalplaatje bestaat uit veel meer dan alleen de band op het podium. Visuele elementen, vreemde personages en onverwachte momenten maken de show soms bijna meer tot een theatervoorstelling dan een traditioneel concert.
Tijdens de eerste helft werd het publiek bovendien verrast door een korte film, gepresenteerd door Kitty Shunt. Het intermezzo werd goed ontvangen. Na ‘The Remedy’ volgde rond 22.00 uur een korte pauze, waarna de band terugkeerde voor het tweede deel van de show.
Unplugged
Een opvallende keuze was het telefoon- en camerabeleid. Gedurende vrijwel de hele show waren telefoons en camera’s verboden. Geen oplichtende schermen, geen rijen armen die boven het publiek uitstaken om ieder nummer vast te leggen. Iets wat goed werd ontvangen door het publiek.
Pas tegen het einde van de show werden bezoekers nadrukkelijk uitgenodigd om hun telefoons tevoorschijn te halen en beelden te maken. De bedoeling was om te laten zien hoe anders je een optreden beleeft wanneer je niet voortdurend bezig bent met het vastleggen ervan.
Veel bezoekers grepen die gelegenheid aan, maar opvallend genoeg bleef een groot deel van het publiek de telefoon gewoon in de zak houden. Blijkbaar was het ook wel prettig om een avond lang niet door een scherm naar een podium te hoeven kijken. Het leverde een interessant contrast op. We zijn gewend geraakt aan het documenteren van vrijwel alles wat we meemaken, soms ten koste van het moment zelf. Puscifer draaide die gewoonte voor één avond om. Eerst kijken, dan pas vastleggen.
Dave Hill slaat weer toe
Tegen het einde van de show verscheen Dave Hill opnieuw op het podium. Ditmaal niet om het publiek te vermaken met een comedyset, maar om de voorstelling op komische wijze te verstoren. Het onverwachte optreden zorgde voor de nodige hilariteit en vormde een mooi slot van een avond waarin muziek en humor voortdurend door elkaar liepen.
Puscifer bracht in Amsterdam precies wat je van de band mag verwachten: een combinatie van muzikaliteit, maatschappijkritiek en een flinke dosis eigenaardigheid. De afwisseling tussen nieuw en ouder werk hield de set interessant, terwijl de theatrale elementen ervoor zorgden dat het optreden nergens een standaardconcert werd.
Met een verrassend sterk geluid in de vernieuwde Gashouder, een comedian die zelfs na zijn voorprogramma nog even kwam huishouden en een publiek dat voor de verandering eens niet de hele avond door een telefoonscherm keek, was het een avond die zich weinig aantrok van de gebruikelijke concertregels. Misschien is dat uiteindelijk ook de boodschap van ‘Normal Isn’t’. Gelukkig maar.
Foto’s (c) Janne van der Vegt

