Er zijn nummers die klinken alsof ze uit een andere wereld komen, en ‘Waiting for a Train’ is daar een schoolvoorbeeld van. Het is een plaat die begint met een hypnotiserend ritme, gevolgd door een stem die klinkt alsof hij door een megafoon wordt geschreeuwd, en die desondanks, of misschien juist daardoor, in 1983 miljoenen mensen naar de dansvloer en de platenzaak trok. Achter het nummer schuilt een verhaal dat bijna net zo ongrijpbaar is als de tekst zelf: een studioproject zonder vaste bandleden, twee mannen die liever achter de knoppen stonden dan op het podium, en een titel die per ongeluk profetisch bleek. Want Flash and the Pan verwijst naar de uitdrukking ‘a flash in the pan’, iets wat kortstondig succes heeft en daarna weer verdwijnt. Met ‘Waiting for a Train’ bewezen de mannen achter het project dat die naam alles behalve toepasselijk was.
Flash and the Pan
Flash and the Pan werd in 1976 in Sydney opgericht door de Nederlands Australische muzikant Harry Vanda en zijn Schots Australische partner George Young. Beide mannen kenden elkaar al jaren, want ze hadden samen furore gemaakt in The Easybeats, een van de belangrijkste Australische bands van de jaren zestig. Als songwritersduo Vanda en Young schreven ze wereldhits zoals ‘Friday on My Mind’, en na het uiteenvallen van The Easybeats bouwden ze een indrukwekkende reputatie op als producers, onder meer voor de eerste albums van AC/DC, de band waarin de jongere broers van George Young, Angus en Malcolm, de gitaren bespeelden.
Flash and the Pan was in de eerste plaats een studioproject. Vanda en Young namen zelf alle instrumenten en zang voor hun rekening, met incidentele hulp van sessiemuzikanten, en traden nauwelijks live op. De muziek werd later omschreven als een soort overgangsvorm tussen postdisco en de opkomende house sound, met veel nadruk op ritme, herhaling en sfeer in plaats van klassieke songstructuren. Het debuutnummer ‘Hey, St. Peter’ werd in eigen land direct een hit en zette de toon voor wat volgde. Op het derde album, Headlines, sloot ook Stevie Wright zich weer bij hen aan, hun voormalige zanger van The Easybeats, wat het project voor even bijna deed aanvoelen als een reünie van de oude band.
Waiting for a Train
‘Waiting for a Train’ verscheen in 1983 als single van het album Headlines uit 1982 en werd het grootste succes uit de discografie van Flash and the Pan. In het Verenigd Koninkrijk bereikte het nummer de zevende plaats in de hitlijsten, terwijl het in eigen land, Australië, veel bescheidener bleef steken, met een piek rond de zestigste plek in de Kent Music Report. Elders in Europa sloeg het nummer wel breed aan: het haalde de hitlijsten in landen als Nederland, waar het in de zomer van 1983 de Top 40 binnenkwam, en ook in andere Europese markten wist het zich in de bovenste regionen te nestelen.
Wat opvalt aan ‘Waiting for a Train’ is de productie. De zang, verzorgd door Stevie Wright, klinkt vervormd en afstandelijk, bijna als een radiobericht uit een verre toekomst, terwijl de tekst weinig een lineair verhaal vertelt en eerder losse flarden beelden oproept. Die combinatie van rauwe herhaling, elektronische ritmes en een vervreemdende zangstijl paste naadloos in het begin van de jaren tachtig, toen synthesizers, drumcomputers en new wave de popmuziek grondig aan het herschrijven waren. Er bestaan meerdere versies van het nummer: de albumversie, een singleversie die bekendstaat als de French Take met een andere intro en een ingekorte tekst, en verschillende twaalfinch mixen, waaronder een discoversie en een instrumentale uitvoering, die allemaal hun eigen weg vonden naar de clubs van die tijd.
Moonbase
Een van de opvallendste hertalingen van het nummer kwam al in hetzelfde jaar van de originele release. De Italiaanse producer Tony Carrasco nam onder de naam Moonbase een eigen versie van ‘Waiting for a Train’ op, uitgebracht in de stijl die inmiddels bekendstaat als Italo disco. Deze cover behield de herkenbare herhaling en de dreigende bastonen van het origineel, maar goot het geheel in een strakkere, meer dansbare jasje, precies zoals veel Italiaanse producers destijds deden met new wave en post punk nummers uit Noord Europa en Australië.
Het bestaan van deze cover, uitgebracht op verschillende labels en in meerdere edits, laat goed zien hoe grensoverschrijdend de dansvloercultuur van de vroege jaren tachtig was. Een nummer dat in Sydney werd bedacht door twee voormalige rockmuzikanten, kon binnen enkele maanden opnieuw worden geïnterpreteerd in een Italiaanse studio en zo een tweede leven krijgen in discotheken door heel Europa. Het toont ook aan hoe sterk de kern van het nummer was: ook zonder de originele stem van Stevie Wright bleef de herkenbare spanning overeind.
Headlines
Het album ‘Headlines’, uitgebracht in augustus 1982, was het derde studioalbum van Flash and the Pan en werd geproduceerd door Vanda en Young zelf in de Albert Studios in Sydney. Het album bracht naast ‘Waiting for a Train’ ook singles als ‘Where Were You’ en ‘Love Is a Gun’ voort, en werd door critici omschreven als directer en rauwer dan de twee voorgangers, zonder dat het iets van de eigenzinnigheid van het project verloor. Terwijl het tweede album van de groep, ‘Lights in the Night’, in Zweden zelfs de nummer een positie op de albumlijst had bereikt, bleef ‘Headlines’ daar net onder de top twintig steken, wat laat zien hoe wisselend het internationale succes van het project door de jaren heen was.
Voor ‘Headlines’ keerde Stevie Wright terug als gastzanger, wat het album een extra lading gaf. Fans van The Easybeats hoorden in de samenwerking een echo van het verleden, al bestaat er discussie over hoeveel Wright daadwerkelijk heeft bijgedragen aan de opnames zelf. Zijn gezondheid was destijds kwetsbaar, en zijn naam werd op latere persingen van het album zelfs weggelaten. Toch is het net deze spanning tussen nostalgie en vernieuwing die ‘Headlines’ tot een interessant tijdsdocument maakt binnen de synthpopgolf van het begin van de jaren tachtig.
Hey, St. Peter
Nog voordat Flash and the Pan wereldwijd doorbrak met ‘Waiting for a Train’, hadden Vanda en Young al bewezen dat hun studioproject aansloeg bij het publiek. Hun debuutsingle ‘Hey, St. Peter’ verscheen in 1976 in Australië en werd daar al snel een van de opvallendste hits van het project, voordat de single twee jaar later ook internationaal werd uitgebracht via het Britse label Ensign. Het nummer bevatte dezelfde ingrediënten die later ook ‘Waiting for a Train’ zo herkenbaar zouden maken: herhalende ritmes, een sfeervolle, bijna filmische productie en een zang die meer functioneerde als instrument dan als verteller van een duidelijk verhaal.
Waar ‘Waiting for a Train’ uiteindelijk het commerciële hoogtepunt van de groep zou worden, gaf ‘Hey, St. Peter’ destijds al een belangrijk signaal af: dat een project zonder vaste line up, zonder liveoptredens en zonder de gebruikelijke banddynamiek toch kon uitgroeien tot een gevestigde naam binnen de internationale popmuziek.
Bijna een halve eeuw na het verschijnen ervan blijft ‘Waiting for a Train’ een van die nummers die je onmiddellijk terugvoert naar een specifiek moment in de popgeschiedenis, ergens tussen de laatste stuiptrekkingen van disco en de opkomst van new wave en synthpop. Het succes van het nummer was voor Harry Vanda en George Young eigenlijk een verrassing binnen een verrassing, want Flash and the Pan was nooit bedoeld als hun hoofdproject, maar eerder als creatieve uitlaatklep naast hun drukke bestaan als producers en songwriters.
George Young overleed in 2017, en werd wereldwijd herdacht als een van de belangrijkste architecten van de Australische populaire muziek, terwijl Harry Vanda tot op hoge leeftijd actief is gebleven binnen de muziekindustrie. Het verhaal van ‘Waiting for a Train’ blijft daarmee niet alleen het verhaal van een onverwachte hit, maar ook van twee mannen die, bijna toevallig, een van de meest kenmerkende geluiden van hun tijd wisten te creëren.
