Het laatste album van Chuck Ragan, ‘Love and Lore’, stamde alweer uit 2024. De tour die hem, in samenwerking met de Effenaar, naar het nostalgische Café Wilhelmina in Eindhoven bracht, ging dan ook vooralsnog niet gepaard met nieuw werk. Dat mocht de pret in het uitverkochte café echter niet drukken.
Ragan verscheen nonchalant op het podium. Met zijn onvervalste workman uiterlijk deed hij denken aan Bruce Springsteen die in zijn beginjaren het podium van The Stone Pony had kunnen betreden. Die vergelijking drong zich ook op vanwege zijn stem. Ragan beschikte over een rauw, geraspt geluid dat deed denken aan Springsteen tijdens de opnames van ‘We Are the World’. Een stem die er destijds tussen alle anderen uitsprong, mede omdat Springsteen net zijn wereldtournee had afgesloten.
Ragan zette die geraspte strot vanaf de eerste minuut vol in. Onwillekeurig vroeg je je af of hij dit de hele avond kon volhouden. Dat bleek geen enkel probleem. Zijn stembanden leken van staal.
Toch was Ragan vooral zichzelf. Zijn solo-optreden bewoog zich ergens tussen de punkrock van zijn makkers van Hot Water Music en akoestische folkrock, waarin hij de rauwe kanten van het leven bezong: verlies, verlangen, veerkracht en doorgaan. De sfeer zat er vanaf het begin goed in en het publiek waardeerde zichtbaar de overgave waarmee Ragan zich op het podium stortte.
Die betrokkenheid bleek ook uit de interactie met de zaal. Zo nodigde hij een liefhebber van zijn muziek uit op het podium om samen een refrein te zingen. Toen het geluid van zijn akoestische gitaar wegviel, hield hij het instrument in een bijna klassieke Springsteenpose omhoog bij de microfoon om het nummer alsnog af te maken. Het waren kleine momenten die de spontaniteit van de avond benadrukten.
Overigens was het niet alleen muzikaal broeierig in Café Wilhelmina. De combinatie van een uitverkochte zaal en Ragans tomeloze intensiteit maakte een dorstlesser voor de artiest bepaald geen overbodige luxe. Toen een bezoeker hem spontaan zijn eigen bier aanbood, werd dat dan ook dankbaar aanvaard. Uiteindelijk leek ook de staf te beseffen dat iets te drinken binnen handbereik op het podium geen overbodige luxe was.
Ragan liet zich er niet door afremmen en spuwde het ene na het andere nummer de zaal in, telkens met dezelfde passie. Met ‘Rotterdam’ kreeg de avond bovendien een Nederlands tintje. Ragan beschreef daarin beeldend zijn wandeling door Rotterdam, terwijl verlangen en heimwee naar een geliefde door het nummer heen klonken.
Bij de introductie van ‘Bedroll Lullaby’ gaf hij wat meer inzicht in zijn inspiratie. Het nummer ging volgens hem over het verlaten van je comfortzone, risico’s nemen en daarmee het leven daadwerkelijk ervaren. Het waren juist deze spaarzame momenten waarop Ragan iets meer vertelde over de achtergronden van zijn nummers die de verbinding met het publiek verdiepten.
Want hoe overtuigend zijn rauwe en energieke aanpak ook was, de dynamiek had soms wat groter mogen zijn. Wanneer Ragan zich niet alleen volledig op zijn gitaar en stem stortte, maar zich wat meer naar binnen keerde, bleek hij namelijk ook in staat om een nummer ingetogen en indringend over te brengen. Juist die afwisseling had het optreden nog wat meer kleur kunnen geven en zijn solowerk sterker kunnen onderscheiden.
Halverwege verruilde Ragan zijn akoestische gitaar voor een elektrische. Het avontuur was echter van korte duur: twee snaren knapten en dus keerde hij noodgedwongen terug naar zijn akoestische gitaar. Het daaropvolgende ‘Open Up and Wail’ maakte desondanks indruk. Het nummer handelde over de uitzichtloosheid en harde realiteit van het leven, een thema dat gedurende de avond regelmatig terugkeerde.
Daarbij was Ragan niet alleen de vertolker van die donkere kanten. Hij sprak zijn publiek ook moed in en wenste degenen die door moeilijke tijden gingen kracht en hoop toe. Blijf je laarzen aantrekken, leek zijn boodschap, en ga de volgende dag weer verder. Hij bedankte het publiek bovendien omdat het steeds opnieuw kwam opdagen om te luisteren naar datgene wat mensen met elkaar verbond: muziek als therapie.
Zo werkte Ragan zich, doorweekt en rood aangelopen van de inspanning, naar het einde van de avond. Als afsluiter bracht hij onder andere nog een gedreven versie van ‘Drag My Body’ van Hot Water Music. Daarna restte een dankwoord en de hoop iedereen snel weer te zien.
Dat zou ongetwijfeld gebeuren. Maar misschien de volgende keer wel graag met airco. En met voldoende drinken voor de artiest.
