Julia Holter heeft zich in de afgelopen jaren ontwikkeld tot een van de interessantste componisten binnen de Amerikaanse artpop. Haar muziek beweegt zich voortdurend tussen pop, ambient, kamermuziek en improvisatie, waarbij melodieën zelden precies de richting volgen die je aanvankelijk verwacht. Met ‘Materia’ keert Holter terug naar het materiaal rond haar in 2024 verschenen album ‘Something in the Room She Moves’. Het nieuwe album is geen verzameling restjes, maar een bewuste aanvulling op die plaat, met nieuwe composities, herinterpretaties en ideeën die tijdens dezelfde creatieve periode ontstonden.
De zeven nummers vormen daardoor een compact geheel waarin Holter verschillende kanten van haar muzikale persoonlijkheid laat horen. ‘The Laugh Is in the Eyes’ is voor sommige luisteraars al bekend, want het nummer verscheen in 2024 als single. De nieuwe albumversie sluit nauw aan bij de opname uit die periode, maar krijgt door de gewijzigde context een andere betekenis. De bewerkte zang en het samenspel van onder meer fluit, saxofoon, fretloze bas en synthesizers geven het nummer een bijna buitenaardse sfeer.
Met ‘My Lost One’ en ‘Fantasy’ verschuift de plaat naar nieuw materiaal. Vooral ‘Fantasy’ springt eruit door de combinatie van een beweeglijke melodie en een bijna dromerige productie. Het nummer klinkt toegankelijker dan veel van Holters meer experimentele werk, zonder dat ze haar eigenzinnigheid verliest. Opvallend is dat een riff uit ‘My Twin’, een improvisatie die later op het album staat, de basis vormde voor ‘Fantasy’. Daarmee wordt meteen duidelijk hoe organisch de verschillende onderdelen van ‘Materia’ met elkaar verbonden zijn.
Het hart van de plaat wordt gevormd door de twee nieuwe gedaantes van ‘Materia’. Op ‘Materia 2’ wordt de oorspronkelijke compositie omgevormd tot een hallucinerende combinatie van drumcomputer, fretloze bas en klarinet. Holters stem krijgt gezelschap van Jessika Kenney en de compositie krijgt daardoor een heel ander karakter dan de versie op ‘Something in the Room She Moves’. ‘Materia 3’ doet vervolgens iets veel eenvoudigers en tegelijkertijd vreemders. Holter vertraagt de oorspronkelijke opname letterlijk, waardoor harmonieën en stempartijen een nieuwe zwaarte krijgen. Het idee is bijna simpel, maar het effect is verrassend sterk.
‘Clepsydra’ houdt het experimentele karakter overeind, terwijl ‘My Twin’ met zijn lengte van ongeveer tien minuten het meest uitgesproken improvisatorische moment van de plaat vormt. Holter creëerde het stuk grotendeels alleen en gebruikt haar stem hier bijna als een volledig instrumentarium. Het nummer heeft daardoor minder de vorm van een traditioneel lied en meer van een muzikale stroom die zich langzaam ontvouwt.
Dat is uiteindelijk ook de kracht van ‘Materia’. Holter probeert niet zeven conventionele popsongs van haar ideeën te maken. Ze laat verschillende versies, ingevingen en experimenten naast elkaar bestaan en weet ze toch tot een samenhangend album te smeden. De plaat vraagt aandacht, maar beloont die aandacht met details die bij iedere luisterbeurt opnieuw opvallen. Voor wie ‘Something in the Room She Moves’ al waardeerde, is ‘Materia’ een logische vervolgstap. Voor anderen kan het een interessante kennismaking zijn met een artiest die haar eigen regels blijft schrijven. (Elodie Renard) (8/10) (Domino)
