Er zijn maar weinig bands die het lef hebben om twintig jaar na hun debuut nog steeds gewoon zichzelf te blijven noemen, maar Weezer doet het al voor de zevende keer. Na Blue, Green, Red, White, Teal en Black is het nu tijd voor Gold, het twintigste studioalbum van de Amerikaanse band rondom frontman Rivers Cuomo. Vier jonge nerds uit Los Angeles die begin jaren negentig grunge combineerden met bubblegum pop en daarmee direct een generatie aanspraken die zich nooit helemaal thuis voelde bij Nirvana of Pearl Jam. Dertig jaar later is Cuomo nog altijd de anti held van de gitaarmuziek, en met Gold laat hij horen dat hij nog wat te vertellen heeft.
Het album is het eerste volledige studiowerk sinds Van Weezer uit 2021, en de eerste plaat sinds de vier mini albums van de SZNZ reeks in 2022. Geproduceerd door Klas Åhlund en Kenneth Blume, beter bekend als Kenny Beats, klinkt Gold verrassend fris voor een band die inmiddels al decennia meegaat. Opener ‘Shine Again’ zet meteen de toon met een gitaarriff dat recht uit de jaren negentig lijkt te komen, maar dan met een productie die net wat gladder en directer klinkt dan wat we van de band gewend zijn. Het is Weezer op zijn best, herkenbaar maar niet vermoeiend.
‘We Might as Well Be Strangers’, met een gastbijdrage van de band Wednesday, is misschien wel het hoogtepunt van de plaat. Het nummer voelt als een gesprek tussen twee generaties gitaarmuziek en werkt precies daarom zo goed. ‘C.E.O.’ is dan weer typisch Cuomo. Een lied dat zichzelf op de hak neemt, over uitverkopen aan de platenmaatschappij, compleet met een zin als “ik moet volwassen worden en stoppen met klagen”. Zelfspot is altijd het sterkste wapen van deze man geweest en dat bewijst hij hier opnieuw. Ook ‘Up in the Clouds’, een nummer dat oorspronkelijk als demo werd geschreven voor Everything Will Be Alright in the End uit 2014, heeft eindelijk een plek gevonden en het past wonderwel bij de rest van de plaat.
Wat opvalt is dat drie van de vier bandleden hebben meegeschreven aan de nummers, en dat gitarist Cuomo en drummer Pat Wilson voor het eerst sinds het debuutalbum samen de basis van een song hebben geschreven. Dat teamwork is te horen. Gold voelt minder als een soloproject van Cuomo en meer als een bandalbum, iets wat Weezer de laatste jaren wel eens miste. Het geheel duurt nog geen 35 minuten en dat is precies goed. Geen opvulling, geen ballast, gewoon tien nummers die doen wat ze moeten doen.
Is dit het beste Weezer album sinds Pinkerton? Dat is een discussie die de fans onderling wel gaan uitvechten, en dat weet de band ook heel goed. Wat zeker is, is dat Gold bewijst dat deze band nog altijd weet hoe je een gitaarplaat maakt die zowel de trouwe fan als de nieuwsgierige luisteraar iets te bieden heeft. Geen enkele band houdt dertig jaar stand door stil te blijven staan, en Weezer bewijst maar weer eens dat ze dat prima door hebben. (7/10) (Reprise Records)
