Donderdagavond stond Frank Boeijen in Muziekgebouw Eindhoven voor wat inmiddels een jaarlijkse traditie is geworden. Vrijwel ieder jaar keert hij rond dezelfde periode terug naar deze zaal, en ook nu is zijn volgende concert al aangekondigd voor 29 april 2027. Met zijn band bracht hij opnieuw een zorgvuldig opgebouwde show waarin het heden en verleden met elkaar werden verbonden.
De tour stond in het teken van de promotie van een nieuwe cd ‘Paradijs van het grote niets’ en was duidelijk opgedeeld in twee delen: een eerste set met nieuw werk en een tweede set met klassiekers uit zijn rijke repertoire. Voor het eerste nummer nam Frank Boeijen de tijd om zijn band voor te stellen, met de nodige humor. Zo stond Peter van Benthem al – volgens Frank – 81 jaar aan zijn zijde en speelde Charles Nagtzaam inmiddels 51 jaar met hem samen. Schertsend om de jarenlange band met de mannen te onderstrepen. De avond opende met ‘Hemel in je hoofd’.
Opvallend was dat er na het eerste nummer nog mensen binnenkwamen. Frank reageerde daar luchtig op en verwelkomde hen met een grap, waarin hij aangaf dat het wel een erg grote parkeergarage bij het Muziekgebouw was, en informeerde of ze lekker hadden gegeten. Het typeerde de ontspannen sfeer van de avond, maar stiekem bracht het ook een klein puntje van terechte irritatie van de muzikant naar boven.
De setlist bleek bijzonder doordacht. De eerste set bestond volledig uit nieuw werk, terwijl in het tweede deel juist de publiekslievelingen, hits en meezingers centraal stonden. Nummers als ‘Stella Maris II’ hadden een bijna poëtisch karakter en deden soms meer denken aan een voorgedragen gedicht dan aan een traditioneel lied. Het nieuwere werk neigde dan ook sterk richting spoken word en klonk poëtischer dan ooit.
Tijdens ‘Alleen de droom’ bewoog Frank zich voor het eerst die avond rondom het podium. Tussendoor vertelde hij over zijn achtergrond: zijn familie kwam uit Brabant en hij was als een van de tien kinderen de enige die in Nijmegen was geboren. Hij sprak met warmte over zijn jeugd, al vroeg hij zich met een knipoog af of de buurt dat destijds ook zo had ervaren. In ‘Stad zonder herinnering’ viel de bas van Charles Nagtzaam nadrukkelijk op. De eerste set werd afgesloten met ‘Het lange einde’. Gedurende het optreden onderstreepte Frank non-verbaal meermaals de hechte vriendschap met Wout Pennings.
De tweede set begon ingetogen met alleen toetsen, waarna de rest van de band het podium weer betrad. Het verschil met het eerste deel was duidelijk zichtbaar: waar de muzikanten eerder nog op krukken zaten, verdwenen die na de pauze volledig van het podium.
Na ‘Winter in Hamburg’ volgde ‘Juliette’, vernoemd naar Juliette Gréco. De Franse tegenhanger van Liesbeth List, met wie veel van Franks bandleden een tijd hebben samengewerkt. Daarna volgden ‘Vaderland’ en een reeks klassiekers die het publiek steeds verder losmaakten. Bij ‘Welkom in Utopia II’ stond het publiek uiteindelijk op en kwam de zaal echt tot leven. Frank gaf aan dat hij het publiek wilde laten voelen hoe het is om samen te zingen, wat uitmondde in een minutenlange gezamenlijke “lalalala”. Halverwege ‘ ‘Tijd’ liep Frank van het podium voor een instrumentaal einde van de reguliere set, waarna hij en zijn mannen weer snel terugkeerden en het optreden werd hervat met een natuurlijke toegift. Met ‘Paradijs’ en ‘Hierbij de uitnodiging’ werd de avond passend afgesloten, waarbij het publiek precies kreeg waar het op had gehoopt: een uitgebalanceerde reis tussen nieuw werk en tijdloze klassiekers.
