Er zijn muzikanten die hun carrière doorlopen alsof elke nieuwe plaat een andere vraag beantwoordt, en dan is er Jon Batiste. De acht Grammy Awards, de Oscar voor de filmmuziek bij ‘Soul’, de jaren als bandleider van The Late Show, de Juilliard-opleiding, het straatmuzicianschap in de metro’s van New York, het zijn geen losse feiten maar de lagen van één en hetzelfde artistieke project. Met ‘Black Mozart’, het tweede deel in zijn pianoreeks, zet de in New Orleans geboren pianist een stap die zowel logisch als gedurfd is: hij neemt de werken van Wolfgang Amadeus Mozart en filtert ze door de rijke traditie van Zwart-Amerikaanse muziek, van jazz en blues tot ragtime, stride en gospel.
Dat Batiste dit album uitbrengt op Juneteenth, de feestdag die de vrijheid herdenkt van de tot slaafgemaakten in Amerika, is geen toeval. De keuze is een statement. Mozart gold in zijn eigen tijd als een vernieuwer die bestaande vormen volledig beheerste en tegelijkertijd transformeerde, precies de manier waarop Batiste naar jazz en improvisatie kijkt. De parallel die hij trekt tussen Mozart en Thelonious Monk, beiden uitzonderlijk, beiden nauwelijks te imiteren, beiden gestuurd door een innerlijke logica die het conventionele overstijgt, geeft het album een ideeënrijkdom die verder reikt dan enkel de muziek zelf.
De tien stukken op ‘Black Mozart’ bewegen tussen vertrouwdheid en verrassing. ‘Alla Blues’ is compact en helder: een Mozartiaanse melodielijn die Batiste onmerkbaar transformeert tot iets wat thuis is in een New Orleans jazzclub zonder ooit de klassieke essentie te verloochenen. ‘Country Zart’, gebaseerd op ‘Le nozze di Figaro’, is waarschijnlijk het meest durfgeval van het album: Memphis soul en Stax Records klinken door in een interpretatie die tegelijkertijd grappig en ontroerend is, en die bewijst dat Batiste de noten van Mozart zo volledig in zich heeft opgenomen dat hij ze kan laten dansen. ‘Molto in Cayo Hueso’, het langste stuk, omarmt een Cubaanse groove die aanvoelt als een wandeling door Key West, waar de symfonie nr. 40 even comfortabel zit als op een Weens concertpodium.
Niet alle keuzes zijn even fris. ‘Alla Turc Movement’ en ‘Molto’ zijn gedisciplineerder en dichter bij het origineel, waardevolle maar minder opzienbarende momenten die het album even rustiger weg laten zakken. Maar als bewuste keuzes binnen een groter geheel dienen ze ook een doel: het toont aan dat Batiste net zo goed kan respecteren als hij kan transformeren. ‘Gospel Andante’, waarmee het album sluit, brengt de twee werelden definitief samen in een stuk dat ademt zoals muziek hoort te ademen als ze helemaal vrij is.
‘Black Mozart’ is niet het meest spectaculaire album dat Batiste ooit heeft gemaakt, maar het is wel een van de meest coherente. Een heldere artistieke gedachte, met vakmanschap uitgevoerd en met een gevoel voor wat muziek kan vertellen dat ver uitstijgt boven het technische. (8/10) (Decca Records)
