Het eerste weekend van juli stond garant voor een goed festival in het Limburgse Diepenbeek. Hookrock heeft al een jarenlange traditie van een gezellig festival te zijn met goede bands. Het weer hadden de organisatoren zowel vrijdag en zaterdag alvast mee. Ook het programma was dit jaar veel belovend, dus kon er al niet veel meer mis gaan.Rond half twee mocht Bourbon Street de aftrap geven. Dit is een band die grotendeels covers speelt maar dan op een eigen wijze zodat ze toch een hele inbreng hebben in deze nummers. Bourbon Street hun repertoire bestaat vooral  uit het betere en steviger bluesrock werk, zoals nummers van Julian Sas, Poppa Chubby, Walter Trout, Tony Joe White.

Ze speelden hier op Hookrock ook twee eigen nummers ,namelijk ‘Monday Lovers’ en ‘Hometown’. ‘Monday lovers’ kan je beluisteren op bijgevoegde video en het is een heel aangename song. Zanger en bassist Little ‘m’ kon wel erg bekoren en steelt als frontman de show. Hij beschikt tevens over een vrij goede stem. Ook Daddy Bean op de mondharmonica wist van wanten. Hoogtepunten waren ongetwijfeld ‘Rooseveldt and Ira Lee’, ‘Judgement Day Blues’, ‘Helpin’ Hand’, ‘Honey Hush’. In dit laatste nummer is er een prachtige hoofdrol weggelegd voor al eerder vernoemde Daddy Bean. Aftrappen is nooit gemakkelijk en zeker niet met het warme weer, maar Bourbon Street kreeg van de vroege aanwezigen toch een mooi en verdiend applaus.

Daarna was het tijd voor één van de betere bands uit Nederland. Ikzelf was verrast dat Julian Sas zo vroeg in de namiddag geprogrammeerd stond, maar hij lokte toch veel volk in de tent. Dit power trio met de imposante frontman draait al jaren mee in Nederland maar in België zien we de Julian Sas Band zelden. De band beschikt met drummer Rob Heijne en bassist Tenny Tahamata over geweldige ritmesectie met veel power en ervaring. Aan nummers heeft Julian zeker geen gebrek, de man heeft al een tiental studio albums op zijn naam. Gisteren werden er veel nummers gespeeld uit Julian’s laatste album ‘Bound To roll’. Julian Sas is een echte showman, bekken trekken en heel het podium gebruiken is zijn handelsmerk. Maar niet alleen dat, hij heeft ijzersterke nummers en is een zeer goed gitarist. Ook slide spelen is voor deze jongen geen probleem. Ik vond ‘Bound To Roll’, ‘No Mercy’, ‘Life On The Line’ zeer goed klinken. Redelijk wat galm op de Gibson en pompen maar. Maar ook in rustige nummers is de Julian Sas band geniaal. Een mooi voorbeeld was ‘Looking For A Friend’. Julian bracht ook een ode aan zijn idolen door een ijzersterke versie van ‘Shadow Play’ van Rory Gallagher en een iets snellere maar knappe versie van jimi Hendrix zijn ‘Hey Joe’. Het publiek was voldaan ze kregen waarvoor ze gekomen waren. Eerst gaven ze hun held nog een daverend applaus en zochten dan de weg op naar de festival weide op zoek naar wat schaduw, want vooraan in de tent was het toen erg heet en een verfrissing en wat schaduw was voor velen welkom.

Misschien spijtig voor Moonshine Reunion dat het publiek na de dampende set van Julian Sas de tent verlaten had want nu stond dit viertal al dadelijk voor de moeilijke opgave om de mensen terug in de tent te krijgen voor hun heel dansbare muziek, en dat lukte grotendeels wel. Rockabilly, rock n’ roll en country rock zijn zowat de genres waarin deze band zich beweegt. Moonshine Reunion is ontstaan uit Los Fabulous Frankies en ze bestaan uit Clark Kenis, een sublieme frontman die echt een prima stem heeft en upright bass  speelt. De andere leden zijn drummer Joris Govers, gitarist Wan de Brabander en Jorge Fortunato die steel gitaar en mandoline voor zijn rekening neemt. Voor de liefhebbers van dit genre muziek moet Moonshine Reunion een topper zijn. Hier en daar in de zaal werd er lustig gedanst op deze tijdloze muziek. Deze jongens hebben al twee albums op hun naam en ze zijn in volle voorbereiding van een derde. Er werd dan ook vooral gekozen uit eigen werk. De mandoline in ‘Wanderin’ Foot’ vond ik prachtig. Ook ‘Cry, Cry, Cry’ van Johnny Cash kon op veel bijval rekenen net als Jerry Lee Lewis zijn ‘I’m On fire’. Als ik uit hun eigen nummers moet kiezen vond ik de opener ‘Grip Of Reality’ bijzonder goed alsook ‘Just Keep On Asking Baby’ en het pure rock’n roll nummer ‘Enough is Enough’.

Nog een band die normaal gezien wat later op de avond mocht staan is de Joey Gilmore & Sean Carney Band. Maar deze jongens moesten dezelfde avond nog naar het Jazz Festival van Combain La Tour. Het is de eerste keer dat twee winnaars van de vermaarde International Blues Challenge trofee samen op pad gaan. Joey Gilmore won deze prijs in 2006 en Sean Carney in een jaar later, in 2007. Beiden besloten hun talenten te combineren voor een vijftiental concerten tijdens een Europese tour. De ritme sectie bestond uit twee Franse top muzikanten, Pascal Delmas op drums en bassist Stephen Barral. Dit viertal mag terugkijken op een heel geslaagd optreden. Er was geen enkel zwak moment en het optreden wist van het begin tot het einde te boeien. Sean Carney  opende solo en introduceerde later Pascal en Stephen en tenslotte zijn landgenoot Joey Gilmore. Vooral de zesenzeventig jarige Joey Gilmore was nog in heel goede doen. Veel respect als je dat nog allemaal kan op die leeftijd. Van Sean McCarney weten we al lang dat hij een begenadigd gitarist is en je voelt ook dat de samenwerking met de vijfendertig jaar oudere Joey Gilmore hem heel erg bevalt. Beide heren geven elkaar ook voldoende ruimte om te scoren. Hoogtepunten bij de vleet, maar laat het me houden bij het wondermooie ‘Sweet Home Memphis’ en een fenomenale cover van Elmore James zijn ‘Dust My Broom’. Dit optreden was top.

John Lee Hooker Jr was de volgende die zijn opwachting mocht maken op het podium van Hookrock. De eerste veertig minuten van de set kon de zoon van mij niet echt bekoren. Er zat geen vuur in het optreden en heel weinig variatie. De band mocht er nochtans best wezen, maar de frontman zelf was niet in zijn beste doen. Al moet ik eerlijk toegeven dat de laatste twintig minuten wel van heel behoorlijk niveau waren.

Vrijdagavond zagen we Chantel McGregor al schitteren in de Patersdreef te Tielt en ook het publiek op Hookrock wist ze te winnen met haar uitmuntend gitaarspel en fluwelen stem. Ze won verleden jaar niet voor niets de award voor female vocalist op de Britse blues awards. Er was veel volk naar het podium gestroomd om deze jongedame uit Bradford aan het werk te zien en te horen. Chantel heeft nog maar één album uit en zodoende moet ze tijdens haar set ook verschillende covers spelen, maar ook dat doet ze met veel bravoure. Ze begon met ‘Caught Out’ een eigen nummer dat ook op haar album ‘Like No Other’ staat. Het is een redelijk stevig nummer, waarin de vrij nieuwe drummer Keith McPartling al dadelijk zijn kunnen mag tonen. Chantel’s gitaarwerk is indrukwekkend. Ze is trouwens dit jaar weer twee maal genomineerd op de Britse blues awards, namelijk als best female vocalist en als gitarist van het jaar. Als ze deze laatste prijs moest winnen zou ze de eerste vrouw zijn die deze award in ontvangst mag nemen. Dat ze een geweldige fan is van Joe Bonamassa zien we ook in haar setlist.

Ze zette een geweldige cover van ‘A New Day Yesterday’ neer, en kreeg daarvoor een welverdiend warm en hevig applaus. Ook ‘Voodoo Chile’ was van grote klasse. Dat Chantel werkt aan een opvolger van ‘Like No Other’ wisten we al, en met ‘Disco Lover Suïcide’ lichtte ze voor ons al een tipje van de sluier op. Spijtig genoeg nam de versterker van Chantel de tekst iets te persoonlijk op en blies zichzelf op. Ze speelde ook nog een fantastische ‘Help Me’. Deze cover staat ook op haar album en in de tent waren er genoeg kandidaten om haar die nachtjapon aan te reiken. Richard Ritchie leefde zich als gewoonlijk uit op het podium en plukte aan zijn vijfsnaren bas als een heel gelukkige man. Sinds Keith McPartling drummer is bij Chantel McGregor staat de ritmesectie als een rots. Er volgden nog een paar bekende covers zoals Joe Bonamassa zijn ‘I Had To Cry Today’ en ook ‘Red House’ werd gespeeld. Het slot was dan weer voor Chantel haar eigen songs. In ‘Freefalling’ laat Chantel horen dat haar eigen nummers zelf van hoogwaardige kwaliteit zijn en niet moeten onderdoen voor meer bekende songs. Ook het bisnummer ‘Fabulous’ met het steeds weerkerend gitaarriffje is knap. Chantel, Keith en Richard krijgen na afloop dan ook een geweldig applaus voor hun prachtige prestatie.

Door allerhande verplichtingen zoals een interview met Chantel McGregor, heb ik de twee laatste bands  Anson Funderburgh en Memo Conzales & The Bluescasters niet kunnen zien en dus kan ik daar ook geen beoordeling over geven. Hookrock mag weer fier zijn op hun meer dan geslaagd festival, op naar Hookrock 2014.

Deel: