Griekse black metal heeft altijd een herkenbare signatuur gehad, met Rotting Christ, Varathron en Necromantia als de heilige drie-eenheid waar bijna elke Helleense band ooit langs moet. Ceremonial Worship, opgericht in 2016 door High Priest C.W., neemt op hun derde album ‘Between Sleep and Death’ bewust afstand van dat vertrouwde pad. In plaats van die klassieke Griekse formule leunt de band nu dichter aan tegen de tweede golf van Helleens zwart metaal, met invloeden van vroege Kawir, Legion of Doom en middenperiode Nightfall, maar ook een duidelijk Scandinavische inslag.
De line-up onderging het afgelopen jaar een flinke opfrisbeurt. The Whisperer of Night, die al in 2018 op de ‘Esoteron’ EP te horen was, keerde terug op zang, terwijl Petros P. op bas en George K. op drums de gelederen versterkten. High Priest C.W. blijft de gitaren beheren, en samen leveren ze een plaat af die duidelijk ambitieuzer klinkt dan het rauwere ‘Seven Gateways to Eternal Misanthropy’ uit 2022.
Het album opent met een intro dat behoorlijk lang uitloopt voordat ‘Hate Spells’ het stokje overneemt, een nummer dat zijn tijd neemt om op stoom te komen maar eenmaal daar wel de sfeer van de plaat goed neerzet. ‘Towards Nothingness’ brengt daarna wat meer melodie en weemoed in de mix, met een gitaarwerk dat aan Emperor doet denken zonder helemaal in dat vaarwater te belanden. ‘Cursed Abominations’ grijpt terug naar de duistere, kronkelende riffs die aan Necromantia doen denken, en dat is precies waar de band het sterkst is: wanneer de herkenbare Helleense sfeer zich mengt met de nieuwere, meer Scandinavische invloeden.
Toch blijft er ook kritiek mogelijk. De tremoloriffs herhalen zich binnen sommige nummers wat te vaak, en de vrij prominente, ietwat programmatisch klinkende drums geven het geluid soms een platter karakter dan je zou willen bij een genre dat juist leeft van ruwe organische chaos. Dat maakt ‘Between Sleep and Death’ een plaat die weliswaar herkenbaar Helleens aanvoelt, maar niet altijd de meest opwindende riffs of gedragen melodieën van het genre laat horen.
Het resultaat is een album dat op zijn beste momenten, zoals ‘Pantheon of Suffering’, een overtuigende balans vindt tussen de twee golven Helleens zwart metaal die de band zegt te combineren, maar dat op andere momenten wat inspiratieloos blijft hangen in bekende patronen. Voor fans van klassiek Grieks zwart metaal met een vleugje Scandinavische kilte is er hier genoeg te waarderen, ook al is niet elk moment even sterk.
‘Between Sleep and Death’ toont een band die zijn eigen identiteit zoekt tussen twee tradities in, en slaagt daar deels in, ook al blijft de plaat als geheel wat ongelijkmatig.(6/10) (Eternal Death)
