Iedere week komen er tientallen nieuwe albums binnen op de redactie van Maxazine. Veel te veel om ze allemaal te beluisteren, laat staan te recenseren. Iedere dag één recensie zorgt ervoor dat er te veel albums achterblijven. En dat is zonde. Daarom plaatsen we vandaag een overzicht van albums die op de redactie binnenkomen in korte recensies.
Of Montreal – Aethermead
Of Montreal keert terug met ‘Aethermead’, een album dat zich beweegt tussen psychedelische pop, elektronica en speelse artrockstructuren. De plaat, uitgebracht rond 5 juni 2026, laat opnieuw horen hoe de band continu balanceert tussen toegankelijkheid en experiment. Nummers als ‘Glass Lanterns’ en ‘Soft Machinery’ combineren ritmische synthlagen met onverwachte melodische wendingen, waarbij de composities eerder circulair dan traditioneel opbouwend zijn. De productie is gelaagd en soms bijna overweldigend, maar dat past bij de collageachtige stijl die Kevin Barnes al jaren hanteert. Wat opvalt is de manier waarop vocalen vaak worden opgenomen in de mix in plaats van erboven te zweven, waardoor een soort zwevende klankwereld ontstaat. Niet elk idee wordt volledig uitgewerkt, maar juist dat fragmentarische karakter houdt de spanning vast. Het album vraagt meerdere luisterbeurten om de structuren echt te doorgronden, omdat thema’s en motieven subtiel terugkeren. Ondanks de experimentele insteek blijft er een popgevoeligheid aanwezig die de plaat toegankelijk houdt voor een breed publiek binnen het alternatieve segment. (Wil je een meer toegankelijke Of Montreal-plaat, dan is deze minder direct dan hun vroegere werk, maar inhoudelijk juist rijker.) (William Brown) (7/10) (Polyvinyl Record Company)

Evergrey – Architects Of A New Weave
Met ‘Architects Of A New Weave’ levert Evergrey opnieuw een strak geconstrueerd progressief metalalbum af dat rond 5 juni 2026 verschijnt. De band bouwt voort op zijn bekende stijl met donkere thema’s, technische gitaarpartijen en een duidelijke nadruk op sfeer en dynamiek. Tracks als ‘Fractured Blueprint’ en ‘Silent Constructions’ laten horen hoe strak de arrangementen in elkaar grijpen, waarbij elke instrumentlaag bewust is geplaatst. De plaat wisselt zware, riffgedreven passages af met melodische stukken waarin keyboards en gitaarlijnen elkaar ondersteunen in plaats van bestrijden. De vocalen blijven gecontroleerd en emotioneel geladen zonder overdreven dramatiek. De productie is helder, waardoor elk detail in de mix hoorbaar blijft, wat vooral in de complexere stukken van belang is. Hoewel het album weinig echt verrassende stilistische wendingen bevat, wordt de bestaande formule effectief verfijnd. Het geheel voelt coherent en doordacht, eerder gericht op consistentie dan op experiment. Daarmee bevestigt Evergrey hun positie binnen de moderne progressieve metalscene. (Anton Dupont) (8/10) (AFM Records)

Moonlight Haze – Interstellar Madness
‘Interstellar Madness’ is de nieuwe EP van het Italiaanse Moonlight Haze. De mix van oosterse invloeden, metal en symfonische elementen zorgt voor een pakkende, licht poppy openingstrack. Ook de volgende tracks zijn melodisch en opzwepend. Het geheel is toegankelijk, maar het geluid mist soms wat dynamiek. Hierdoor komen de wendingen en details (bijvoorbeeld in ‘We Are Fire’) minder goed tot bloei. ’Shine’ eindigt te abrupt, alsof er een stukje ontbreekt. De titeltrack heeft een kalme start. Als het tempo omhoog gaat, blijf de melodie behouden. De verdeling tussen de (gestapelde) klassiek geschoold zang en de metal in de muziek is goed. Als het geluid rijker was geweest, dan hadden het gave gitaarspel, de klassieke elementen en de grimmige zang absoluut filmische allure gehad. Met gefluisterde woorden eindigt dit goed opgebouwde nummer. Door de titel ‘Interstellar Madness: Finale’ verwacht ik een groots opgezette final track. Maar deze track is korter en minder imposant dan verwacht, en eindigt met een fade-out. Tot slot nog een pluspunt: de (gestapelde) zang op deze EP varieert van helder/klassiek naar power of soms grimmig. Zowel de afwisseling als de melange hiertussen is goed. (Esther Kessel-Tamerus) (7/10) (Scarlet Records)

Lee ‘Scratch’ Perry & Mouse on Mars – Spatial, No Problem
Voor reggaeliefhebbers zal de naam Lee ‘Scratch’ Perry geen onbekende zijn. De in augustus 2021 overleden producer, componist, zanger en vooral dubpionier drukte met zijn mythische ‘Black Ark Studios’, een onuitwisbare stempel op talloze artiesten. Dankzij zijn revolutionaire, onconventionele werkwijze en mixingtechnieken, die hun tijd ver vooruit waren, groeide hij uit tot een van de meest invloedrijke figuren binnen de reggae- en dubwereld. Mouse on Mars bestaat uit twee Duitse muzikanten die sinds 1993 eigenzinnige elektronische muziek maken. Hun geluid wordt beïnvloed door onder meer krautrock, ambient en dub. Het album geldt als een van Perry’s laatste grote studioprojecten vóór zijn overlijden in 2021. Het resultaat is een plaat waarop Perry’s karakteristieke, bijna bezwerende praatzang moeiteloos samensmelt met de experimentele klankwereld van Mouse on Mars. Voor Perry stond vooraf al vast dat dit geen doorsneereggaalbum zou worden. In plaats daarvan beweegt ‘Spatial, No Problem’ zich vrij door een muzikaal spectrum van jazz, brass, ambient en natuurlijk dub. Die veelzijdigheid zorgt ervoor dat het album voortdurend blijft verrassen. Het is een album geworden waarop een bijzondere muzikale symbiose ontstaat tussen twee totaal verschillende werelden. Met ieder nummer word je nieuwsgierig naar wat er zal volgen, en dat is altijd een goed teken. ‘Spatial, No Problem’ is daardoor niet alleen een geslaagde samenwerking tussen twee grensverleggende artiesten, maar ook een avontuurlijke luisterervaring die laat horen hoe ver muzikale creativiteit kan reiken wanneer genres, generaties en ideeën samenkomen. (Bart van de Sande) (8/10) (Domino Recording Company)

Paul Gilbert – Tribute to Jimi Hendrix
Na ‘Wroc’ uit 2026 komt Paul Gilbert met een vernieuwde editie van ‘Tribute to Jimi Hendrix’, oorspronkelijk uitgebracht in 1991. Destijds was dit het eerste reguliere soloalbum van de getalenteerde gitarist, vooral bekend van Mr. Big en hits als ‘To Be With You’ en ‘Wild World’. Het verhaal achter dit album begint op 2 juni 1991 tijdens het Frankfurt Jazz Festival. Gilbert was daar uitgenodigd om samen met Albert Collins op te treden. Kort na aankomst bleek Collins door gezondheidsproblemen niet te kunnen spelen. De organisatie vroeg Gilbert daarop onverwacht de hoofdact te verzorgen. Zonder eigen band of voorbereide set werd haastig een begeleidingsband samengesteld met de bassist en drummer van Ten Years After. Met slechts enkele uren voorbereiding besloot Gilbert een volledige Hendrix-set te spelen. Dat resulteerde in energieke uitvoeringen van nummers als ‘Red House’, ‘Hey Joe’ en ‘Purple Haze’. Juist die spontane aanpak vormt de kracht van het album. De ongepolijste productie en de beperkte voorbereiding houden Gilbert dicht bij zijn eigen muzikale kern. Zijn zang is minder overtuigend; waar Jimi Hendrix ondanks zijn beperkingen karakter en schwung had, klinkt Gilbert soms wat vlak. Zijn gitaarspel daarentegen is loepzuiver, technisch indrukwekkend en volledig in dienst van de muziek. Hoewel deze tribute het origineel niet overtreft, is het een respectvolle en geslaagde ode. De bijzondere ontstaansgeschiedenis vergroot bovendien het luisterplezier en onderstreept nogmaals Gilberts uitzonderlijke kwaliteiten als gitarist. (Bart van de Sande) (7/10) (Music Theories Recordings)

