Het losbarsten van de lente gaat al jarenlang gepaard met een muzikale uitbarsting van alles dat met Rhythm & Blues te maken heeft in de Groningse Oosterpoort. Op 2 mei vond daar namelijk de Rhythm & Blues Night plaats, en kon een divers publiek er genieten van een flinke verscheidenheid aan artiesten, bands en verwante muziekstijlen.
Het mooie weer bleek geen reden om buiten te blijven toen om vier uur de Leif de Leeuw Band aftrapte in de grote zaal. Onder de volle klanken van de kenmerkende southern rock vulde de Oosterpoort zich gestaag met publiek dat in de entreehal verwelkomd werd door de New Yorkse Kendra Morris. Hier bleek meteen dat voor elk wat wils was te vinden op dit veelzijdige minifestival; na de creatieve storytelling van Morris en het swingende, rollende, keihard rockende optreden van de Leif de Leeuw Band kon men kiezen tussen drie vervolgacts, zoals de podia zich de rest van de avond zouden blijven afwisselen.
Wie herinneringen wilde ophalen aan de alt-countrytijd van de jaren ’80 toogde naar The Long Ryders in de kleine zaal, wie een indrukwekkend staaltje snarenplukken wilde zien luisterde naar de folk van Charlie Parr, en wie wilde blijven dansen koos voor de foyer waar The Buttshakers iedereen in beweging kregen. De Franse band uit Lyon switchte moeiteloos tussen soulvolle R&B en opzwepende funk en maakte van de foyer het bonzende hart van de Oosterpoort.
In deze setting werden de blues natuurlijk eveneens vertegenwoordigd: niemand minder dan Duke Robillard speelde met zijn All Star Band in de grote zaal tal van bluesstijlen en vormde daarmee een passend eerbetoon aan het veelzijdige genre. Het contrast kon op dat moment echter haast niet groter zijn met de entreehal, waar La Perra Blanco het dak eraf blies met explosieve, uptempo rock-‘n-roll vol rockabilly-invloeden. Met een enorme contrabas, twee toetsenisten en een pittige gitarist-zangeres die het podium over vloog was deze act niet alleen een muzikaal feest, maar ook een opzwepende show die van het publiek een stampende, dansende mensenmassa maakte.
Een weer heel nieuwe sound was niet veel later te horen in de foyer, waar Cordovas een harmonieuze set speelde vol country-soul. Integer, zuiver, met gevoel maar ook met een flinke groove – de inspiratie van de Allman Brothers Band was duidelijk, maar de band uit Nashville liet vooral zijn eigen geluid op overtuigende wijze horen.
Een band die helemaal niet één geluid koos, maar er talloze wist te produceren, was Luther Dickinson met JD Simo & Friends in de grote zaal. Sommige bands mogen zich gelukkig prijzen met één geweldige zanger, deze groep had er drie – voeg daaraan toe dat twee daarvan ook nog eens waanzinnig getalenteerde gitaristen zijn, en je hebt de succesformule van deze fenomenale band te pakken. Van trage, hypnotiserende blues tot gierende gitaarrock: bij Luther en zijn vrienden passeerde het allemaal de revue.
Vervolgens kon het publiek kiezen uit oldschool R&B van Richard Nola & The Savoys of een verrassende, moderne herinterpretatie van R&B gecombineerd met ‘70s rock van Canyon Lights.
Later op de avond vertelde Robert Finley in zijn verhalende nummers over zijn bestaan als ‘Sharecropper’s Son’, en hij liet zijn leeftijd (72 jaar) hem niet weerhouden van het geven van een geanimeerde, levendige show vol humor en levenslessen. Tegelijkertijd werd er in de entreehal meegezongen met nummers als ‘Cut Ya Loose’: surfachtige garage-blues van The Loved Ones uit Oakland, Californië.
De laatste ronde had voor de bezoekers nog wat aardige verrassingen in petto: echte inspirerende gospel-R&B van Southern Avenue (een band van drie even getalenteerde zussen), krachtige, indrukwekkende en traditionele bluesrock van Marquise Knox en de ontzettende groovy cumbia van The Animeros. Terwijl het publiek langzaam huiswaarts keerde en het programma op zijn einde liep, werd daar nog flink gedanst door de echte feestvierders.
Zo bewees de Rhythm & Blues Night wederom een van de leukste terugkerende muzikale evenementen van Noord-Nederland te zijn. Met een enorm divers programma, enthousiast publiek, een ontspannen sfeer (artiesten mengen zich makkelijk in het publiek en staan vaak naar elkaar te kijken) en goed eten hoefde niemand zich ook maar een seconde te vervelen. R&B als een zichzelf altijd vernieuwend genre en een festivalorganisatie als deze zorgen ervoor dat er ongetwijfeld nog vele edities zullen volgen.
Foto’s (c) Anneke Klungers

