‘Bully’ is het twaalfde studioalbum van de Amerikaanse rapper en producer Kanye West, uitgebracht op 28 maart 2026 via YZY en Gamma. Het is zijn eerste solowerk sinds ‘Donda 2’ uit 2022 en arriveert na acht uitgestelde releasedata, een publieke excuus voor antisemitische uitspraken in de Wall Street Journal, en een langlopende controverse rond het gebruik van AI-gegenereerde vocalen. Achttien tracks, 42 minuten. De grote vraag: is dit de terugkeer waar iedereen op wacht?
Laten we beginnen met wat werkt. De productie op ‘Bully’ herinnert aan de periode waarin Kanye West wereldwijd als onbetwiste hitmaker gold. De soulsamples zijn terug; de crate-digging-instincten functioneren weer. Op ‘I Can’t Wait’ wordt The Supremes’ ‘You Can’t Hurry Love’ met chirurgische precisie opengewerkt en herbouwd tot iets dat klinkt als een spookversie van zichzelf. ‘Preacher Man’, oorspronkelijk aangeboden aan Drake, die het weigerde, draait om een sample van The Moments en combineert religieuze symboliek met de bravoure die West in zijn sterkste momenten kenmerkt. En dan is er ‘All the Love’, het onbetwiste hoogtepunt van het album, waarin de talkbox van Andre Troutman (neef van de legendarische Roger Troutman) botst met de industriële chaos van ‘Yeezus’. Wie het refrein van ‘Stronger’ koestert als een persoonlijke hymne, vindt hier een waardige opvolger.
Dat gezegd hebbende: ‘Bully’ is een album dat meer belooft dan het waarmaakt. West zingt meer dan hij rapt, en die zang klinkt te vaak lusteloos, weggedrukt onder lagen Auto-Tune die het verschil tussen mens en machine opzettelijk vertroebelen. De controverse rond AI-vocalen is niet uit de lucht: hoewel West beloofde dat de streamingversie vrij zou zijn van kunstmatige stemmen, klinkt met name ‘Preacher Man’ nog steeds verdacht synthetisch. Fans die de fysieke versie kochten, inclusief vinyl, kregen aantoonbaar AI-vocalen geleverd. Dat is geen esthetische keuze. Dat is slordigheid.
Thematisch mist ‘Bully’ richting. West schreef begin 2026 een openhartige paginagrote advertentie in de Wall Street Journal, waarin hij zijn bipolaire stoornis benoemde, zijn antisemitisme erkende en de mensen om zich heen bedankte voor hun steun. Het was een van de meest kwetsbare publieke verklaringen uit zijn carrière. Maar op het album zelf is van die kwetsbaarheid nauwelijks iets terug te vinden. In plaats daarvan krijgen we vage verwijzingen naar serotonine, liefde en God, zonder de autobiografische scherpte die ‘My Beautiful Dark Twisted Fantasy’ of zelfs ‘808s & Heartbreak’ tot monumenten maakte.
De sequencing versterkt het probleem. Na de veelbelovende opener ‘King’, die met zijn industriële productie klinkt als een ‘Yeezus’-echo met Travis Scott als bondgenoot, volgen tracks die alle kanten op schieten zonder samenhang. ‘This a Must’ en ‘Circles’ duren amper twee minuten en klinken als bijgedachten. Het middengedeelte van ‘Sisters and Brothers’ tot ‘White Lines’ raakt wel aan het thema van pesten en gepest worden, maar ook daar blijft West aan de oppervlakte.
Een verrassend lichtpunt is ‘Last Breath’ met Peso Pluma, waarop West voor het eerst in het Spaans zingt. Het is niet perfect, maar het toont ten minste de bereidheid om risico te nemen. En ‘Mama’s Favorite’ raakt aan oprechte emotie die elders op het album pijnlijk afwezig is.
‘Bully’ is niet het dieptepunt van Kanye Wests discografie. Dat blijft voorbehouden aan ‘Vultures 2’ en ‘Donda 2’. Het is een stap vooruit ten opzichte van zijn recente output, maar het is ook een album dat teert op de goodwill van vroeger zonder die echt te verdienen. De productie laat flitsen van genialiteit zien, de samples zijn soms adembenemend, maar te veel tracks drijven op automatische piloot. Als eerste soloalbum in vier jaar had ‘Bully’ het moment moeten zijn waarop West bewees dat de artiest groter is dan het schandaal. In plaats daarvan levert hij een plaat af die klinkt als een veelbelovende demo met een paar uitschieters en te veel vulling. Kanye West heeft betere platen in zich. Hij heeft het bewezen. Maar ‘Bully’ is niet die plaat. (5/10) (YZY/Gamma)
