Achter het eenmansproject Wehmut schuilt multi-instrumentalist Johannes Rieß, ook bekend van Boötes Void. Met ‘IV: Sommer’ verschijnt zijn vijfde studioalbum sinds de oprichting van Wehmut in 2021, en tegelijkertijd het sluitstuk van een tetralogie rond de vier jaargetijden, waarvan ‘I: Herbst’, ‘II: Winter’ en ‘III: Frühling’ de voorgangers waren. Elk album in de reeks moest een eigen emotioneel spectrum verkennen, al ligt de thuisbasis van het project, depressive black metal, altijd dicht bij depressie, zelfhaat en verslaving.
Toch is ‘IV: Sommer’ verrassend dromerig en hoopvol voor een genre dat zelden om die woorden bekendstaat. Dat komt vooral door de sterke post-black- en blackgaze-invloeden die door het album lopen, met melancholisch getokkel en flirterige melodieën die doen denken aan Alcest of Harakiri For The Sky. Toch blijft Rieß niet steken in die vergelijking, want zodra de zang inzet, is de herkomst uit het DSBM duidelijk hoorbaar.
De openingsnummers ‘Brennende Brust’ en ‘Schwellender Rachen’ functioneren goed, al brengen ze wat minder emotie over dan je van het genre gewend bent. De lange instrumentale passages zijn het sterkst, terwijl de zang soms als bijzaak aanvoelt door de losse aansluiting op de muziek, iets wat vaker voorkomt bij deze stijl van zingen, maar hier wel een gemiste kans blijft om de luisteraar dichter bij het album te betrekken. Het echte hoogtepunt is ‘Bebender Puls’, dat rustig in een aantrekkelijk midtempo begint voordat het uitmondt in stevigere delen met zwevende, postige gitaren. ‘Lastlos’ bouwt met zijn dromerige grondtoon voort op die kwaliteit.
Wat opvalt is hoe goed Rieß erin slaagt om herhalende delen nooit te lang te laten duren, maar ze steeds op het juiste moment te doorbreken. Op het ruim tien minuten durende ‘Losgelassen’ na blijven de nummers compact, wat het album als geheel behoorlijk beknopt houdt. De afsluiter, ‘Wenn der Abend dämmert’, is de grootste verrassing: een akoestisch stuk met schone zang en aanhoudend stemmengeruis, dat als een diepere boodschap wil overkomen, maar uiteindelijk weinig meerwaarde aan de plaat toevoegt.
‘IV: Sommer’ is een degelijk sluitstuk van een reeks die vier jaar lang telkens een ander seizoen en een ander gevoel probeerde te vangen. Het mist misschien de scherpte om zich echt tussen de grote namen van het genre te plaatsen, maar wie houdt van de melancholische, sfeervolle kant van black metal, vindt hier een oprecht en persoonlijk album, gemaakt door iemand die zijn instrumenten inzet als een soort auditief dagboek. (7/10) (Naturmacht Productions)
