Iedere week komen er tientallen nieuwe albums binnen op de redactie van Maxazine. Veel te veel om ze allemaal te beluisteren, laat staan te recenseren. Iedere dag één recensie zorgt ervoor dat er te veel albums blijven liggen. En dat is zonde. Daarom plaatsen we vandaag een overzicht van albums die op de redactie binnenkomen in korte recensies.
Club d’Elf – Loon & Thrush
Pak de waterpijp erbij, vouw uzelf in Lotus-houding en zet dit nieuwe album van Club d’Elf op dat begint met een vertolking van Grateful Dead’s ‘Bird Song’, het begin van een uur durende trip zoals eigenlijk alleen de groep rond bassist Mike Rivard die kan neerzetten. Die bas is vanzelfsprekend weer prominent aanwezig op dit nieuwe album: diep en pulserend, duidelijk geworteld in dub, terwijl daaroverheen instrumenten vrij bewegen in flarden melodie, oosterse invloeden en elektronica die soms nauwelijks als zodanig herkenbaar is. De tracks vloeien in elkaar over alsof ze onderdeel zijn van één lange improvisatie, waarin elke muzikant precies weet wanneer hij moet toevoegen, en vooral wanneer niet. Muziek als hypnotiserende, psychedelische vloeistofdia’s die zo populair waren in de hoogtijdagen van de Grateful Dead. Daarbij klinkt Club d’Elf wel een flinke dot funkier dan de Dead. Luister maar eens naar de groove van het titelstuk of ‘Left Hand of Clyde’, dat dan weer veel meer leunt op fusion uit de jaren zeventig. Larry Coryell’s The Eleventh House revisited. Dan is de band overigens nog niet klaar met het werk van Jerry Garcia, want ook diens ‘New Speedway Boogie’ krijgt een smakelijke make-over. Geef die pijp nog maar een keer door. (Jeroen Mulder) (8/10) (Face Pelt Records)

Wasted Youth Club – Shared Whining
Op dit nieuwe mini-album slaat de Nederlandse Psy-Punk’n Roll-band, zoals ze hun muziek zelf omschrijven, een iets andere muzikale weg in dan op hun in 2024 uitgebrachte debuutalbum ‘Consequences’. Meer gelaagdheid, meer psychedelische invloeden, vooral te horen in het met fuzz-effecten gedrenkte gitaarspel, en een subtiele sixties rock-‘n-roll vibe. De vijf korte nummers op ‘Shared Whining’ worden rauw, rusteloos en vol energie gespeeld en behandelen alledaagse frustraties. De albumtitel ‘Shared Whining’ weerspiegelt de thema’s van collectieve onvrede die in de vijf nummers worden verkend. Een fijn mini-album dat liefhebbers van vergelijkbare acts als Parquet Courts en Ty Segall als ook mensen die van energiek gespeelde Punk-‘n-Roll houden zal aanspreken. Het album is te streamen op onder andere Spotify en Apple Music en wordt in een gelimiteerde oplage van slechts 50 stuks uitgebracht door platenmaatschappij Le Cèpe Records. (Ad Keepers) (7/10) (Le Cèpe Records)

A Different Thread – Over Again
A Different Thread is een Americana folkband met een eigen geluid. De teksten op hun derde album gaan over levenservaringen (het leven in een busje, liefde over de oceanen heen), milieu en rechtvaardigheidsthema’s. Vocaal zijn de nummers mooi verdeeld, zowel de stemmen alleen, als de samenzang van Alicia Best en Robert Jackson zijn prima. Hun zang is gospelachtig en goed verstaanbaar. De nummers luisteren makkelijk weg, maar de (soms emotionele) teksten komen door de positieve klank, want minder binnen. De flow van de muziek is kalm, af en toe zorgt elektrisch gitaarspel voor iets meer pit. De instrumenten onderling zijn in balans, dat geldt ook voor de kalme manier waarop Alicia de percussie toevoegt. Het album heeft het gevoel van tijdens een kampvuur genieten van relaxte muziek. Door de kalme flow van de nummers verslapt mijn aandacht. Maar de cello en viool in ‘Columbine’ weten me te raken, dit gaat over weer een “school shooting”. ‘Over Again’ is een album voor de liefhebber van kalme muziek (Esther Kessel) (7/10) (Same Cloth Records)

Chicago Soul Jazz Collective – No Wind & No Rain
‘No Wind & No Rain’ is het vierde album van dit zevenkoppige gezelschap uit de Windy City. De groep brengt al jaren een energieke mix van jazz, blues, soul, funk en gospel ten gehore. Misschien is de altijd aanwezige wind in Chicago de reden dat de stad zo ontzettend veel goede blazerssecties voortbrengt. De opening ‘The Laughing Heart’ is direct raak: een aanstekelijke groove en heerlijke saxofoonsolo van oprichter, componist en bandleider John Fournier, voordat gitarist Larry Bown jr. voor het eerst aan de bak mag. Vanaf de eerste minuut raast de Chicago Soul Jazz Collective door de speakers. De ijzersterke, rauwe powervocalen van Dee Alexander mogen daarbij niet onopgemerkt blijven. Niet dat alles op orkaansterkte wordt gespeeld en gezongen, integendeel. In ‘Message to a Child’ laat Alexander horen dat ze ook fraai ingetogen kan zingen. Hier maakt de stem van Alexander echt het grote verschil: in dynamiek, timbre, bereik en frasering tilt ze de track naar eenzame hoogte. De band zelf is echter op haar best in de meer funky stukken, zoals in het afsluitende instrumentale ‘A Groove for Ramsey’, een eerbetoon aan jazzlegende Ramsey Lewis die in 2022 overleed. Afsluitend? Nee, want de laatste noten zijn voor de flugelhorn in een ‘interlude’, een instrumentaal tussenspel, dat dus geen tussenspel is en er eigenlijk voor zorgt dat ‘No Wind & No Rain’ als een uitgeraasde orkaan nog wel aan land komt, maar reeds gereduceerd tot een stevige bries. Dat had echt anders gekund en gemoeten. (Jeroen Mulder) (7/10) (Calligram Records)

Robben Ford – Two Shades of Blue
Met zijn 74 lentes is Robben Ford geen nieuweling aan het front van bekwame gitaristen. Wellicht op zijn eigen merites niet bekend bij het grote publiek, maar binnen de scene weten de liefhebbers van het 6-snarenvertier meneer Ford prima te vinden. Getuige ook zijn grote lijst aan gastbijdrages aan onder anderen Walter Trout, Bill Evans, Jimmy Nail en Edgard Winter. Edoch, terug naar dit album Two Shades of Blue. Wat een heldere productie heeft, fris uit de speakers klinkt en waarbij bovenal een mooie rol is weggelegd voor de Hammond B3. Ford maakt inmiddels al 50 jaar albums, maar weet hier nog steeds een gevarieerd muzikaal gerecht te serveren, dat laveert tussen blues, jazzfusion en rock. Waar ik persoonlijk de cover van ‘Jealous Guy’ niet geheel goed kan plaatsen, kan dit voor een ander oor juist verfrissend klinken. ‘Perfect Illusion’ is behept met een onwillekeurig gevoel van hoop. Bij ‘Two Shades of Blue’ komt de prominente rol van de Hammond B3 mooi naar voren. Bij de laatste 3 instrumentale nummers wordt de aandacht meer verlegd naar de fusion en maakt Ford daarin ook gebruik van andere namen op bas, keyboard en drums. Knap album, dat verdient om geluisterd te worden. (Bart van de Sande) (8/10) (Provogue Records)

