Elvis Costello bracht met ‘Radio Soul! The Early Songs of Elvis Costello’ een avond die volledig leunde op zijn vroege jaren, de periode tussen ‘My Aim Is True’ en ‘Blood & Chocolate’. Samen met The Imposters, aangevuld met gitarist Charlie Sexton, stond hij woensdagavond in het Muziekgebouw in Eindhoven, waar hij het publiek een tijdmachine binnen trok die terugvoerde naar de late jaren zeventig en het begin van de jaren tachtig. Muzikaal was er weinig op de band aan te merken, maar de show zelf verliep allesbehalve in een rechte lijn.
De avond begon strak, en al na het tweede nummer nam Costello de tijd om iets over de opzet van de show te vertellen, alsof hij het publiek meteen wilde meenemen in zijn eigen verhaal in plaats van alleen de hits af te vuren. Toen iemand in de zaal daartussendoor iets riep, kapte hij dat resoluut af met de opmerking dat hij zelf aan het woord was: “Hey sorry, I’m speaking”. Het was duidelijk dat Costello zelf de touwtjes strak in handen wilde blijven houden gedurende de avond. Toch zakte de energie van dat sterke begin al snel weg. Het eerste elektrische blok, met nummers als ‘Watching the Detectives’ en ‘Mystery Dance’, had de scherpte in zich, maar de uitvoering bleef wat aan de oppervlakte hangen en wist het niveau van de opening niet vast te houden. Daarbij viel op dat Costello’s stem niet de kracht had die men van hem gewend is, iets wat te verklaren viel doordat hij een week eerder nog een show had moeten afzeggen wegens ziekte.
Het akoestische middendeel bracht de kentering, ook in opstelling. Costello nam plaats achter de vleugelpiano, de drummer verruilde zijn kit voor een kleinere mini-drumset vooraan op het podium, en de basgitaar maakte plaats voor een elektrische contrabas. Die andere klankkleur paste precies bij de sfeer van dit deel van de avond, waarin de band de verbinding tussen kwetsbaarheid en zeggingskracht terugvond en ook Costello zelf steeds meer in zijn stem leek te groeien. Nummers als ‘Almost Blue’ en ‘Clubland’ klonken indringend, en ook coverkeuzes zoals ‘Who Will the Next Fool Be’ van Charlie Rich en ‘The Bottle Let Me Down’ van Merle Haggard pasten naadloos in dat gevoel. Dit deel van het concert tilde de avond naar een niveau dat in schril contrast stond met de wat vlakke opening.
Toen de band vervolgens terugkeerde naar de elektrische bezetting, zakte het tempo opnieuw in. De overgang voelde abrupt en de energie die tijdens het akoestische deel was opgebouwd, verdween grotendeels. Een bijzonder moment binnen dat blok was wel de medley waarin fragmenten van ‘Suspicious Minds’ en ‘Always on My Mind’ werden verweven, een knipoog die het publiek zichtbaar wist te waarderen, ook al kon dat de wisselvalligheid van dit deel van de set niet helemaal compenseren.
Tegen het einde van de avond, tijdens wat de eerste toegift was (ondanks dat ze mannen nog niet eens van het podium waren gelopen), klonk ‘Alison’, één van de nummers waarmee Costello ooit zijn naam vestigde. Hij vertelde er zelf bij dat het lied in 1987 tijdens een Amerikaanse tournee tijdelijk uit de set was geschrapt, nadat vrouwelijke bezoekers hadden aangegeven er moeite mee te hebben een lied te horen dat over een andere vrouw gaat. Het is een anekdote die laat zien hoe bewust Costello nog altijd omgaat met de context van zijn eigen liedjes, decennia na het schrijven ervan. En dat is wellicht wel een beetje wat de avond het beste beschreef. Costello en zijn mannen leken oprecht te genieten, maar waren daarbij wellicht te veel met zichzelf bezig. Dat, samen met het feit dat in plaats van een staand concert het opeens werd omgevormd tot een seated concert, haalde toch de spontaniteit en de kracht uit het optreden.
De avond eindigde met het hoogtepunt, een goede versie van ‘I Want You’, en juist dat slot bracht de show terug naar het niveau van de opening en het akoestische deel. Ondanks de mindere staat van zijn stem en de wisselende intensiteit van de set, liet Costello met deze afsluiter zien dat zijn vroege werk nog altijd overeind staat, en dat de band achter hem daarbij geen moment zwakte vertoonde. Niet zijn beste concert, verre van, maar met een voldaan gevoel zal het publiek toch zeer zeker wel de zaal hebben verlaten.
