Bernard ‘Pretty’ Purdie, de meest opgenomen drummer ter wereld, beweert al bijna vijftig jaar dat hij op 21 nummers van The Beatles de drumpartijen heeft overgedubd, en dat Ringo Starr op geen enkele vroege Beatles-opname te horen is. Het is een van de hardnekkigste geruchten uit de popgeschiedenis, en het wordt tijd om het tot op de bodem uit te zoeken.
Bernard Purdie
Laten we beginnen met wat niet ter discussie staat. Bernard Purdie is een fenomeen. Zijn cv leest als een halve eeuw popgeschiedenis: Aretha Franklin, Steely Dan, James Brown, Miles Davis, B.B. King, King Curtis, Hall & Oates, Cat Stevens, Jeff Beck, de Rolling Stones. Zijn naam staat op meer dan drieduizend albums. Hij is de uitvinder van de Purdie Shuffle, een drumgroove die zo invloedrijk werd dat Jeff Porcaro er de beat van Toto’s ‘Rosanna’ op bouwde. Op zijn muziekstandaard had hij een bordje staan: “Pretty Purdie, the little old hit maker done it again.” Als sessiemuzikant hoeft deze man niemand iets te bewijzen. En toch doet hij dat. Al decennialang.
The Beatles
Het begon klein. In een interview met The New Yorker in 1967 noemde Purdie terloops dat hij studiowerk had gedaan voor Britse bands, waaronder The Animals, The Monkees en The Beatles. Geen details, geen ophef. Maar in 1978 liet hij in een vakblad een bom ontploffen. “I overdubbed the drumming on twenty-one tracks of the first three Beatle albums,” verklaarde hij. Volgens Purdie betaalde Beatles-manager Brian Epstein hem tienduizend dollar, niet alleen voor het werk, maar ook voor zijn stilzwijgen. “I thought they were paying me all that money because they liked what I played. Then he told me I was being paid to keep my mouth shut.”
In Max Weinbergs boek ‘The Big Beat’ uit 1984 herhaalde Purdie de claim en voegde er iets opmerkelijks aan toe. Op de vraag waarom hij nooit onthulde welke nummers het waren, antwoordde hij: “Because if I ever need that information to make a little more money, I’ll have what it takes.” In 2007 ging hij nog een stap verder tijdens een optreden voor de Red Bull Music Academy: “There are four drummers on The Beatles’ music, and Ringo’s not one of them.”
Drumpartij
De problemen met Purdie’s claim beginnen bij de opnametechniek en eindigen bij het gezonde verstand. De eerste drie Beatles-albums werden opgenomen in Abbey Road Studios op twee- en viersporen-apparatuur. De drums werden live samen met bas en gitaar op dezelfde sporen vastgelegd. Je kon de drumpartij er niet uithalen en vervangen, net zo min als je de eieren uit een gebakken omelet kunt vissen. Wat technisch wel kon, was er extra drums bovenop leggen, maar dan zouden er op elke Beatles-plaat twee drumpartijen hoorbaar moeten zijn. Niemand heeft die ooit gevonden.
Daar komt bij: de Britse en Amerikaanse releases van de eerste Beatles-albums klinken precies hetzelfde wat de drums betreft. Als Capitol Records in New York de tracks had laten ‘fixen’, zou dat verschil hoorbaar zijn. Het is er niet.
Purdie beweert dat Brian Epstein de sessies regisseerde, buiten producer George Martin om. Maar wie de Beatles-geschiedenis kent, weet dat Epstein zich niet met de opnamen bemoeide. Toen hij eens in de studio een opmerking maakte over Pauls zang, beet John Lennon hem toe: “We’ll make the records. You just go on counting your percentages.” Epstein stond bovendien bekend als zuinig. Tienduizend dollar voor een anonieme sessiedrummer past niet in dat plaatje. En dan het meest veelzeggende detail: Purdie kan geen enkel nummer noemen. Het enige dat hij ooit prijsgaf, is dat een van de nummers “yeah yeah yeah” bevatte. Daarmee bedoelde hij ‘She Loves You’. Maar hij noemde de titel niet bij naam. Voor iemand die beweert een nummer ingespeeld te hebben, is dat opvallend.

Ringo Starr
Ringo’s reactie op de hele zaak past bij de man: droog, kort en zonder zweet. “Well then, what was I doing in the studio? I’ve heard that rubbish before. Everyone was expecting me to come out and fight it. You don’t bother fighting that shit.”
Wie twijfelt aan Ringo’s kwaliteiten als drummer, krijgt van zijn vakgenoten weinig bijval. Ginger Baker, de man die met Cream de maat sloeg en niet bekendstond om het uitdelen van complimenten, zei tegen Rolling Stone: “Yeah, whenever a new Beatles album came out, all the drummers would run out to get it to see what incredible new stuff Ringo was doing.” Na het uiteenvallen van The Beatles nodigden John, Paul en George alle drie Ringo uit om op hun soloplaten te drummen. Als hij niet goed genoeg was voor de studio, waarom wilden ze hem dan steeds terug?
Pete Best
Hier wordt het interessant. In juni 1961 nam de band, toen nog met drummer Pete Best, in Hamburg een aantal nummers op als begeleidingsband van zanger Tony Sheridan. Best was geen sterke drummer. Toen platenlabel Atco Records, een dochter van Atlantic, deze opnamen in 1964 uitbracht om mee te liften op de Beatlemania, werden de drumpartijen overdubbed. Er bestaan aantoonbaar twee versies van deze tracks, met en zonder extra drums. Bernard Purdie werkte in die periode als vaste sessiedrummer voor Atlantic Records in New York. Het is zeer aannemelijk dat hij degene was die Pete Bests drumpartijen oppoetste. Technisch gezien drumde hij dan op “Beatles-opnamen” waar “Ringo niet op speelde”, want Ringo zat nog niet eens in de band. Songwriter Jim Vallance onderzocht de zaak grondig en kwam tot dezelfde conclusie: Purdie heeft waarschijnlijk een handvol overdubs op relatief onbelangrijke Hamburg-tracks opgeblazen tot een claim over 21 nummers op de eerste drie studioalbums.
James Jamerson
Purdie is niet de enige sessiemuzikant die zichzelf in de problemen praatte met oncontroleerbare claims. De parallel met bassiste Carol Kaye en Motown is treffend. Kaye beweerde jarenlang dat zij de baslijnen had ingespeeld op tientallen Motown-klassiekers die werden toegeschreven aan James Jamerson, de huisbassist van de Funk Brothers. Academisch onderzoek door Brian F. Wright van de University of North Texas toonde in 2019 aan dat Kaye inderdaad voor Motown werkte en op minimaal vijf hits speelde, maar niet op de grote nummers die ze claimde.
Hank Cosby, co-auteur en producer van Stevie Wonders ‘I Was Made to Love Her’, reageerde op Kayes claim met een beëdigde verklaring: “Fifty percent of the song was James Jamerson’s bass line. No one played like that but Jamerson.” Brian Holland van het legendarische songwritertrio Holland-Dozier-Holland ging nog verder: hij ondertekende een notariële akte die Jamerson als bassist bevestigde op tien nummers die Kaye als de hare beschouwde. Het meest pijnlijke detail: Holland verklaarde onder ede dat hij nog nooit van Carol Kaye had gehoord.

Drieduizend platen
Het patroon is telkens hetzelfde. Een sessiemuzikant met een indrukwekkend cv begint met een claim die misschien een kern van waarheid bevat, maar blaast die op tot proporties die niet meer te verdedigen zijn. En dan is er geen weg terug. Purdie zei het zelf: hij heeft doodsbedreigingen ontvangen vanwege zijn Beatles-beweringen. Maar in plaats van de claim te nuanceren, verdubbelde hij de inzet bij elk volgend interview. In zijn autobiografie ‘Let the Drums Speak!’ uit 2014 wijdt hij een heel hoofdstuk aan de kwestie. De titel: ‘The Ringo Starr Controversy’. Een paar pagina’s verder geeft hij toe dat het “open to question” is of hij de drums van Pete Best of die van Ringo heeft overgedubd. Dat is nogal een concessie voor iemand die jarenlang beweerde dat Ringo op niets te horen is.
Bernard Purdie is een van de grootste sessiedrummers die ooit geleefd hebben. Zijn Purdie Shuffle veranderde de popmuziek. Zijn werk met Aretha Franklin, Steely Dan en King Curtis spreekt voor zichzelf. Maar zijn Beatles-claim is het kartonnen bordje op de muziekstandaard van een man die niet kon accepteren dat drieduizend platen niet genoeg roem opleveren als je niet Ringo Starr heet.
Foto’s (c) Youtube
