De grote zaal van de StayOkay, gelegen aan het Timorplein in de bruisende Indische Buurt van de hoofdstad, stroomde eind zaterdagmiddag al helemaal vol. Jazzfest Amsterdam stond op het punt om te gaan beginnen. Niemand minder dan drummer Han Bennink, bassist Ernst Glerum, pianist Harmen Fraanje en saxofonist Michael Moore hadden de eer om de 15e editie van het evenement af te trappen. De mannen namen de toeschouwers gelijk mee op een enerverende muzikale trip. Het werd sowieso als vanouds een avond waar het publiek vooral in stilte en met respect voor de artiesten intens genoot van nieuwe composities en verrassende samenwerkingsverbanden op de podia van de diverse door de wijk verspreide pop-upjazzclubs
Op het kleine Cybersoekpodium speelde zangeres Nina Rompa met haar kwartet. De afgelopen periode stond ze vooral in de schijnwerpers met de groep Cantorias waarmee ze een Edison won. Rompa bracht eigen Nederlandstalige nummers ten gehore van het album ‘Hoog’ dat binnenkort zal verschijnen. Haar poëtische teksten waren fantastisch en betoverend. In combinatie met de prachtige muzikale begeleiding van gitarist Gijs Idema, William Barrett op contrabas en het subtiele klarinetspel van Mo van der Does, reisden de toeschouwers even mee naar het heerlijke droomland van Rompa. Datzelfde gebeurde ook in de Elthetokerk bij het soloconcert van pianist Franz von Chossy. Met zijn mix van jazz en wereldse klanken zoekt hij de randen van de diverse muzikale stromingen op. De invloed van Keith Jarrett leek soms om de hoek te komen kijken. Helemaal niks mis mee natuurlijk
Vuur en vlam
Het festival sloeg ook deze editie weer een mooie brug tussen gelauwerde musici en aanstormend talent. In OBA aan het Javaplein trad de 90-jarige drummer John Engels op met de Jonge Garde. Deze formatie bestond uit ‘rising star’ Veerle van der Wal op contrabas, pianist Jules Charbonnier, trompettist Leo Koch en Elmer Jacob. Als je alle leeftijden van de jonge bandleden bij elkaar telde, kwam je op 78 jaar uit. Wat was dit optreden genieten voor het publiek. Een fijne mix van jazzstandards kwam voorbij. Zowel de jonge musici als de festivalgangers toonden een zichtbare spelvreugde en dat enthousiasme sloeg als een vonk over op de festivalgangers. De zaal stond in vuur en vlam
Engelen
Ook in de Bos Studio waren de warmte en liefde voor muziek te voelen. In het kader van de Jonge Makers 2026 gaven daar de zangeressen Delaram Kafashzadeh, Carolina Gemmelt en Anna Zavorina (tevens basgitaar) acte de présence. De belangstelling voor dit concert was overweldigend. Men stond zelfs in de gang in alle rust naar de muziek te luisteren die doordrong vanuit de zaal via de openstaande deur. Mochten engelen inderdaad bestaan, zaten ze deze zaterdag op dit podium. De muziek zelf was fascinerend en drong door tot de ziel. Al verstond je niet alles van de teksten; de vrouwen zingen in het Farsi, Oekraïens, Russisch, Engels en Spaans; de essentie en boodschap waren helder. Het ging over verlies, pijn en de honger naar vrijheid. Zeer indrukwekkend.

Beste medicijn
Opnieuw bewees Jazzfest Amsterdam dit weekend waarom het zo belangrijk is dat dit soort festivals er zijn. Juist in onzekere tijden snakt de mensheid naar schoonheid en de kunst van het genieten. Of het nu gaat om de muziek van het eclectische Perpetual Bike Crash, de lieve liedjes van Jaïnda Buiter, het stevige saxofoongeluid van Marios Charalampous, het formidabele duo Hermine Deurloo en Anton Goudsmit of het feestelijke optreden van het Braziliaans getinte Roda da Holanda, muziek is het beste medicijn tegen depressieve periodes. Laten we hopen dat de organisatie de komende jaren haar generaties verbindende taak mag blijven uitvoeren. Altijd beter dan het wereldse wapengekletter.
Foto’s (c) Eric van Nieuwland

