Dinsdagavond stond het oh zo bruisende Tilburg paraat voor een heus metalcore-feest in Poppodium 013. De Amerikaanse band Fit For A King mocht na voorprogramma’s 156/Silence, Acres en Memphis May Fire het podium betreden met ruwe vocals en grof gitaargebruik.
De eerste opener, 156/Silence, een ietwat minder bekende Amerikaanse metalcore band, deed precies wat de bedoeling was. Het publiek warm krijgen voor de rest van de avond met vergelijkbare muziek, waar de voor-het-genre-herkenbare grunts absoluut niet ontbraken.
Na een korte pauze van vijftien minuten, om het podium gereed te maken voor de volgende act, was het de beurt aan Acres. De Britse post-hardcore band laat met iets minder grungy vocals precies merken wat óók de sfeer bij een metalconcert kan zijn: moshen én meezingen.

Hoewel een crowdsurf er niet in zat voor dit publiek wegens restricties van de zaal, wisten de leden van het publiek er nog altijd een feest van te maken. Rock-tekens met de hand gingen omhoog, er werd geheadbangd alsof hun leven er vanaf hing en het leek wel alsof er springveren in hun schoenen zaten. Memphis May Fire kreeg het voor elkaar dit gevoel doorgaans vast te houden met de pakkende en voor het publiek bekendere nummers waar als geen ander op gedanst en gesprongen werd.

Gesprongen werd er ook zeker toen de mannen van Fit For a King het podium betraden. Gegrunge, geschreeuw en gezang, de eerste paar nummers hadden allemaal kernpunten van een goed metalconcert, al helemaal toen de pit langzaamaan geopend werd en het publiek steeds meer engageerde met de leadzanger Ryan Kirby.
Na de eerste paar nummers als ‘Begin The Sacrifice’, ‘Extinction’ en ‘Shelter’ werd het naar eigen zeggen tijd voor “het hardere werk”. Dit kon niet anders afgetrapt worden dan met het krachtige ‘Blue Venom’. De studioversie van dit nummer is al abnormaal hard, maar live leek het publiek er nog veel meer van te genieten.

Tijdens een ouwe gouwe, ‘Backbreaker’, werd een heuse Wall of Death georganiseerd, een muur die doorbroken wordt door met zijn allen in de grote ruimte in het midden van de zaal te springen.
Om even op adem te komen besloot de band dat het tijd was voor een rustig nummer, ‘Between Us’. De zaklampen werden uit de zak gehaald, een grote vriendengroep sloeg de armen om elkaar heen en het gevoel van verbinding bij metalconcerten, maar vooral bij concerten van Fit For a King, was niet eerder dan dat moment zó voelbaar.

Met dit nummer liet Ryan horen dat hij tot veel meer toe in staat is dan ‘alleen’ grungen en screamen. De vocals sloegen geen moment over, de emotie was in iedere hoek van de zaal voelbaar en de loepzuivere noten kwamen zichtbaar binnen. Voorin de zaal ging een fan zo op in de muziek dat zij zichzelf liet meeslepen door het publiek en zo aan het crowdsurfen geraakte.
Na het korte emotionele intermezzo was het alweer tijd om helemaal los te gaan. Hoewel het voor een typische moshpit wel klein was, was het plezier constant voelbaar. Grote grimassen veranderde in nog grotere glimlachen, er werd een hoop op los gebeukt en de energie van zowel het publiek als de band kwam uiterst los.
Terwijl steeds meer volle bekers bier de lucht in belandden bouwde de set in tempo en kwaliteit op. Deze band verdient veel meer dan het podium van 013 en gaat vermoedelijk nog veel grote podia van haar lijstje kunnen strepen.

De set werd afgesloten met tour-titel song ‘Lonely God’, waarna de encore instartte met ‘When Everything Means Nothing’ en als grote afsluiter ‘Witness The End’, wat het publiek ook gedaan heeft. Het einde was net zo sterk als het begin en dat
Foto’s (c) Ilona van der Hoek
