Er zijn muzikanten die hun invloeden zorgvuldig bewaken, alsof culturele mengvormen gevaarlijk zijn. Peter Somuah is het tegendeel. De Ghanese trompettist, geboren in Accra en inmiddels diep geworteld in Rotterdam, gelooft juist dat de wereld klein is, dat Ghanese highlife, Arabische melodielijnen, Latijnse grooves en moderne jazz niet tegenover elkaar staan maar naast elkaar leven, op loopafstand van elkaar. Dat geloof heeft hij zijn vierde album meegegeven: ‘Walking Distance’, uitgebracht op het gerenommeerde Duitse label ACT Music.
De verwachtingen waren hoog. Somuah won voor zijn debuut ‘Outer Space’ een Edison Jazz Award en de Erasmus Jazz Prijs voor jong jazztalent. Zijn vorige ACT-release ‘Highlife’ werd door Maxazine geprezen als een van de beste jazzalbums van 2024, een album dat Miles Davis-dictie smolt met Ghanese highlife op een manier die nooit gekunsteld aanvoelde. Nu, anderhalf jaar later, mikt hij nog ambitieuzer. Het concept van ‘Walking Distance’ is zo eenvoudig als het doeltreffend is: een album geïnspireerd door de dagelijkse bewegingen van het leven. Steden in, steden uit. Wachten bij een kruispunt. De verkeerde straat inslaan. Somuah vertaalt de alledaagse ervaringen naar muziek en de tracknamen spreken voor zich: ‘Crossroad’, ‘300 Meters’, ‘Intersection’, ‘Roundabout’, ‘Voyage’. Het is stadsgeografie als jazzcompositie.
Zijn band is net zo multinationaal als zijn muziek. Toetsenist Anton de Bruin, bassist Marijn van de Ven, percussionist Danny Rombout en drummer Jens Meijer vormen een vaste kern die precies weet hoe ze Somuahs geluid moeten omlijsten. Op twee nummers zijn er gasten: Heleen Vellekoop op fluit en cellist Nia Ralinova geven ‘300 Meters’ en ‘Around the Corner’ een bijna filmische diepte die je eerder verwacht van een suite dan van een jazzalbum.
De openingstrack ‘Crossroad’ doet meteen zijn werk: een cadans die doet denken aan een man die zijn dag begint en nog niet weet welke kant hij opgaat. De trompet klinkt warm maar doelbewust, de groove is terughoudend, en dan breekt er iets open. Het is het soort opener dat je niet meer loslaat. Voor wie een stevige ingang wil in dit album: ga direct naar ‘Chef Groov’. Funk, een aanstekelijk ritme en Somuahs trompet op zijn meest speels: het is de track die het concept van de plaat het meest belichaamt. Muziek die je meeneemt zonder dat je beseft dat je al loopt. ‘A Turn’ is het meest ambitieuze nummer: meer dan vijf minuten, met ruimte voor improvisatie, Arabische toonkleuren en een ritmische complexiteit die de band volledig uitdaagt. Hier hoor je duidelijk de invloed van Freddie Hubbard en Roy Hargrove, maar gefilterd door Somuahs eigen vocabulaire, dat inmiddels onmiskenbaar is. Slottrack ‘Voyage’ sluit het album af met een open, weemoedige kwaliteit, niet een aankomst maar een nieuwe vertrekking. Slim.
Walking Distance is een consistent en knap geconstrueerd album, maar wie verwacht dat Somuah hier een grote stap zet ten opzichte van ‘Highlife’, komt iets bedrogen uit. De ambitie is groot, maar de verbazing is kleiner dan voorheen. Een enkel nummer, ‘Nearby’ in het bijzonder, klinkt net iets te vlot weggezet voor een muzikant die bewezen heeft dat hij meer kan. Dat zijn kleine minpunten op een verder sterk geheel.
Peter Somuah levert met Walking Distance zijn meest kosmopolitische album tot nu toe. Het bewijst dat hij inmiddels een van de meest interessante jazztrompettisten van Nederland is en dat ACT Music hem niet voor niets steeds grotere podia gunt. Wie hem afgelopen februari al live zag in Den Haag, waar hij als voorprogramma van the Cavemen zijn Walking Distance-materiaal speelde, weet dat deze muziek ook live feilloos werkt. Voor iedereen die hem toen miste: hier is het bewijs op schijf. (8/10) (ACT Music)
