Harry Slinger stapte zaterdagavond de popzaal van de ECI Cultuurfabriek in Roermond binnen met de zelfverzekerdheid van iemand die weet wat hij te bieden heeft. En het publiek wist dat ook. De verwachting in de zaal was voelbaar: een avond vol herkenbare nummers, scherpe politieke uitspattingen en de onversneden Amsterdamse directheid waarvoor Drukwerk al decennialang geliefd is: Het geluid van de echte Amsterdamse volkszanger. Niet André Hazes, maar Harry Slinger.
Met ‘Onder Mijn Dak’ en ‘Jaloerser’ zette de band meteen de toon. Slinger liet er vervolgens geen gras over groeien. Na ‘Hallo Den Haag’ richtte hij zijn pijlen op de BBB, met de boodschap dat die stemmers goed zijn beetgenomen. De overgang naar ‘Carolien’ was daarna haast logisch: “Ze wil ons niet meer zien, die Carolien.”
Bij ‘Ho Stil, Wacht Stop!’ ontpopte de zaal zich tot medespeler. Slinger commandeerde, het publiek gehoorzaamde grif, herhaalde de teksten op zijn wenken en scandeerde de jojo-refreinen alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Na ‘Gelukkig Rijk’ volgde opnieuw een politieke uitval, ditmaal breder gericht op de rechterzijde.
Het hoogtepunt van de eerste helft was de aanloop naar ‘Hee Amsterdam’. Slinger vroeg wie er in Roermond geboren was en kreeg maar weinig handen te zien. Trots op waar je vandaan komt, was zijn boodschap. Wat volgde was wonderbaarlijk: een zaal in Roermond die een Amsterdams stadslied zo luid en vol overgave meezong dat het bijna niet te geloven was. De drummer verliet zijn kruk, de gitarist legde zijn instrument neer en omarmd stonden ze samen met Slinger het nummer uit te zingen. De zaal deed de rest.
Na ‘De Kroegen Van Amsterdam’, ‘Pappa’ en ‘Lukas 12 Vers 22’ volgde de hit ‘Wat Dom’, waarna Drukwerk uitpakte met ‘Kapsones’, een eigen versie van ‘The Great Pretender’ van The Platters, vol flair gebracht en met zichtbaar plezier gespeeld.
Voor ‘Lijn 10’ werd een buspaal op het podium gezet, compleet met het bordje Lijn 10: Leidseplein. Het publiek begreep de knipoog en waardeerde hem. Na ‘Ik Verveel Me Zo’ en de grote hit ‘Je Loog Tegen Mij’ volgde een vertolking van ‘Ik Verscheurde Je Foto’, oorspronkelijk van Koos Alberts, die in de handen van Drukwerk moeiteloos zijn eigen leven leidde. ‘Schijn ’n Lichtje Op Mij’ zette de toon voor het slot van de avond.
Bij ‘Marianneke’ bleek er in de zaal een echte Marianneke te staan. Slinger vond het prachtig en liet dat merken ook. Het concert sloot af met een reprise van ‘Lijn 10’ die naadloos volgde op het dankwoord, als een afscheidsgroet die de zaal nog even vasthield.
Bijzonder aan deze avond was de aanwezigheid van Bram Slinger-Koch op de toetsen, de zoon van Harry, die de familietraditie letterlijk op het podium voortzette. Na de buiging gooide Slinger zijn pet het publiek in. Een klein gebaar, maar het vatte de hele avond samen: genereus, direct en van harte.
Foto’s (c) Eus Driessen

