Door de tientallen cd’s die wekelijks in de brievenbus vallen moet je als minder bekende artiest toch wat doen om op te vallen in de stapel. De cd van Zylver viel direct op, doordat de cd van de Nederlandse band is verpakt in een hardcover boekwerk en de geur van vers papier ons deed verblijden. ‘Van Verre’ opent met een geluid waarbij je ‘Zylver’ direct zou moeten herkennen, Speels getingeltangel van de hand van multimuzikant Tom Janssen geeft direct een gevoel van die oude vertrouwde wind die een zilveren mobile op het balkon doet beroeren. Is Zylver van die esotherische relaxmuziek? Neen, verre van dat. De mannen, die hun sporen reeds verdienden in bands als Twarres, Delain en Vengeance maken muziek die in de verte wat doet denken aan Marillion of Yes, hoewel die vergelijking, die ze zelf al maken, wellicht slechts muzikaal te trekken is.

Qua zang staat Auke Busman aan het roer, die van 2007 tot 2009 in de comeback van Twarres de mannelijke stem beroerde. Zijn stem is ervaren en zal ook zeker een stijl hebben die goed bij hem past. De symfonische rock, artrock, die op ‘Van Verre’ staat is daar echter geen van. De teksten, gebaseerd op een verhaal van Jan van Geerenstijn, die zonder een noot op de cd van het driemanschap heeft gezet, toch genoemd wordt als lid van het project, zijn goed, daar is geen twijfel over mogelijk. Een verhaal over sprookjesfiguur Zylver in het land van Utopia, en de man met de zwarte mantel; Het doet wat melodramatisch aan, gevoelig als een film van Darren Aronofsky of Alan Parker. Het is, tesamen met het muzikale achtergrondspel, het beste van het hele album.

Muzikaal gezien pakken gitarist Timo Somers en instrumentalist Tom Janssen Zylver naar een artistiek meesterwerk, door het gebruik van zang wordt het dat echter niet. Wellicht dat Auke Busman in een carrière als musicalzanger beter tot zijn recht komt, voor rock heeft de zanger gewoon niet genoeg in zijn mars. Jammer, wellicht dat een instrumentale versie van ‘Van Verre’ een hogere waardering zou krijgen, want slotnummer ‘Jij’ is overduidelijk het beste nummer van het album. Het is dan ook het enige instrumentale nummer op het album, en net als bij ‘Dromen’ komt het gitaarspel van Somers (en bij ‘Dromen’ het akoestische spel van gastmuzikant Cor Mutsers) het best tot zijn recht. 75 minuten is echter te lang voor dit muzikaal gezien goede album. Wellicht had er een betere mix genomen konden worden en wat nummers geschrapt. Jammer, het had mooi kunnen zijn. (6/10) (Marista)


Deel: