Ego Ella May, de Brits-Nigeriaanse zangeres en singer-songwriter uit South-East London, brengt met ‘Good Intentions’ haar tweede album uit via Believe Recordings, zes jaar na het bekroonde debuut ‘Honey For Wounds’.
Ego Ella May werd geboren in Croydon, uit Nigeriaanse ouders, vernoemd naar Ella Fitzgerald, en leerde zichzelf gitaar spelen op haar negentiende. Die achtergrond is geen decorstuk op dit album, het is de kern ervan. ‘Honey For Wounds’ won de MOBO Award voor Best Jazz Act en belandde op de soundtracks van series als Insecure, Sex Education en Queen Sugar. Daarna volgde een reeks ep’s en samenwerkingen, maar een volwaardig album liet zes jaar op zich wachten. Het geduld was geen uitstel, het was voorbereiding. ‘ Good Intentions’ werd deels opgenomen in Real World Studios in Bath, waar May haar band bijeenbracht zonder strakke agenda: ze aten samen, wandelden, jamden in vrijheid. Die aanpak heeft de geest van het album bepaald. Je hoort het: er zit lucht in de muziek, ruimte om te ademen. Producenten als Alfa Mist, Beat Butcha, LVTHER, Melo-Zed, TAVE, Tom Excell en Wu-Lu geven elk nummer een eigen textuur zonder de samenhang te breken. Jazz, alt-soul, broken beat, neo-soul, een vleugje Afrobeat, en op ‘Footwork’ zelfs Detroit house, maar het klinkt nergens als een stijlcatalogus.
‘We’re Not Free’ heeft de rustige verontwaardiging van een Marvin Gaye-plaat, en dat is geen toeval: May schrijft over een regering die de beloften van de vorige niet inlost, over trans rechten die opnieuw ter discussie staan, met de vraag of het te veel gevraagd is om vanuit het hart te regeren. Zachte stem, scherpe tekst. ‘Potluck Baby’ is het emotionele hart van de plaat. May schrijft over de immigrantengeneratie, haar ouders, die assimileerden ten koste van de taal, die settelden terwijl de wurggreep verborgen bleef achter groen gras. Het is de soort tekst die je niet snel vergeet. Daarnaast is ‘Tarot’ een wonderlijk komisch nummer over een tarotlezing die haar relatie in twijfel trekt, grappig en bezorgd tegelijk, met een verwijzing naar Joni Mitchell die precies op zijn plek valt.
‘What You Waiting For’, geproduceerd met Tom Excell, is de broken-beat single die je aanzet te bewegen voordat je er erg in hebt. May schreef het over de twijfels die ze moest overwinnen om dit album überhaupt te maken, met “If not now, when?” als kernvraag. Ze zingt het alsof ze zichzelf ervan moet overtuigen, en juist dat maakt het overtuigender dan welke zelfhulp-anthem ook. ‘Footwork’ is het meest onverwachte nummer: 2 uur ’s nachts, Detroit house op de speakers, en May die voor één avond haar waakzame binnenkant loslaat. De zin “Beau said ‘come dance, the gods recommend'” is het moment waarop de hele plaat opengaat.
Twaalf nummers in zeventien minuten is het enige voorbehoud. De totale speelduur laat weinig ruimte voor uitloop. Sommige nummers verdienen meer adem dan ze krijgen. De compactheid is een keuze, geen gebrek aan ideeën, maar wie dieper wil duiken, moet soms opnieuw beginnen.
‘Good Intentions’ is het album dat bewijst dat zes jaar geen verloren tijd was. Wat dit sophomore-album definieert is zekerheid: May navigeert onderwerpen, muzikale stijlen en vocale expressie met een aplomb die suggereert dat ze haar groove heeft gevonden, letterlijk en figuurlijk. Ze heeft niet gewacht tot de industrie klaarstond, ze heeft gewacht tot zij klaarstond. Het resultaat is een plaat die zichzelf niet hoeft te bewijzen, die de complexiteit van het dagelijks leven bespreekt zonder er dramatischer van te maken dan het is. In een tijdperk van haastig uitgebrachte singles is dat een daad van verzet. Voor wie de weg wil vinden: begin bij ‘What You Waiting For’ en laat het album de rest doen. (8/10) (Believe Recordings)
