Rob Lalain is niet het soort artiest dat je verwacht te zien opduiken in de hedendaagse muziekwereld. De singer-songwriter uit Michigan legde in 1999 zijn gitaar neer om zich volledig te richten op de opvoeding van zijn kinderen en keerde pas terug naar de studio tijdens de lockdowns van 2020. Sindsdien heeft hij een opmerkelijke reeks albums uitgebracht, waaronder het goed ontvangen ‘Life’ uit 2024. Met ‘The Way We Were’ zet Lalain zijn renaissance voort met een plaat die mogelijk zijn meest persoonlijke werk tot nu toe is.
Het album bouwt voort op een melodische rockbasis die duidelijk schatplichtig is aan de songwritingtraditie van The Beatles en Paul McCartney. Lalain bespeelt vrijwel alle instrumenten zelf: Epiphone- en Martin-gitaren, Hofner-bas, piano en keyboards vormen de kern, aangevuld met spaarzaam maar effectief ingezette strijkers en blazers. De productie is helder en overzichtelijk, zonder overbodige opsmuk. Dat past bij een artiest die het lied boven het geluid plaatst.
De helderheid van de productie geeft zijn eerlijke zang de ruimte om het emotionele gewicht van het materiaal te dragen. Die aanpak werkt bijzonder goed op opener ‘Day or Night’, die met sprankelende gitaren en een zelfverzekerde zanglijn een warme toon zet en beweegt tussen ingetogen coupletten en een energiek refrein. ‘Fire’, mede geschreven met Sean Weyers, is het meest luchtige moment op de plaat: een zomers nummer met een aanstekelijke baslijn en pizzicato-strijkers die de groove direct neerzetten.
Nummers als ‘No More’, ‘A Song For You’ en ‘Since You’ve Been Gone’ dragen een zwaardere emotionele lading en werden geschreven in de periode waarin Lalain te maken had met de ziekte en het uiteindelijke overlijden van zijn vader. Hij benadert dit verdriet met terughoudendheid in plaats van dramatiek en juist dat geeft deze songs hun kracht. ‘A Song For You’ is het ingetogen, intieme juweel van het album, terwijl de titelsong opvalt als hoogtepunt waarin zijn stem zich verweeft met die van een vrouwelijke vocalist in een vraag en antwoord dynamiek die het nummer boven de rest uittilt.
‘A Thousand Times’ opent met een delicate piano-intro die geleidelijk uitgroeit tot een breed harmonisch hoogtepunt met het volledige ensemble, terwijl ‘I Want to Tell You’ opvalt door zijn geïnspireerde compositie en emotionele oprechtheid. Afsluiter ‘All You Need is to Believe in Love’ kiest bewust voor optimisme en vormt een zachte afronding van een diep persoonlijk verhaal.
Er zijn echter kanttekeningen. Het album wijkt zelden af van vertrouwd poprockterrein en biedt weinig verrassingen voor wie goed bekend is met het genre. De songstructuren zijn degelijk maar voorspelbaar en luisteraars die op zoek zijn naar muzikaal risico zullen hier weinig uitdaging vinden. Lalains stem draagt het materiaal consistent, maar mist af en toe de uitgesproken expressiviteit die een goed nummer onvergetelijk maakt. De tweede helft van het album is solide, maar houdt niet altijd de emotionele spanning van de eerste nummers vast.
Desondanks is ‘The Way We Were’ een eerlijk en geslaagd album. Het voelt minder als een traditionele studiorelease en meer als een persoonlijk document, gevormd door herinnering, verlies en de stille volharding van hoop. Voor liefhebbers van melodische, oprechte rock met een knipoog naar de klassiekers is dit een aanrader. Lalain bewijst dat een terugkeer na meer dan twee decennia geen gimmick hoeft te zijn, maar een tweede kans die hij met beide handen heeft aangegrepen. (7/10) (Lalain Songs)
