Iedere week komen er tientallen nieuwe albums binnen op de redactie van Maxazine. Veel te veel om ze allemaal te beluisteren, laat staan te recenseren. Iedere dag één recensie zorgt ervoor dat er te veel albums blijven liggen. En dat is zonde. Daarom plaatsen we vandaag een overzicht van albums die op de redactie binnenkomen in korte recensies.
Ludovico Einaudi & Leo Einaudi – Einaudi Vs Einaudi
De samenwerking tussen vader Ludovico en zoon Leo Einaudi resulteert in een verrassend intieme herwerking van het succesvolle ‘The Summer Portraits’. Leo heeft acht tracks uit zijn vaders 13e nummer één-album omgetoverd tot een persoonlijke reis door herinneringen aan zomerse momenten. De productie combineert Ludovico’s kenmerkende minimalistische piano-aanpak met Leo’s modernere elektronische texturen. Op nummers als ‘Rose Bay (Reworked)’ penetreren driving ritmes de oorspronkelijke stilte, terwijl ‘Pathos (Reworked)’ nieuwe lagen van jeugdigheid onthult. De synthese tussen beide generaties Einaudi zorgt voor een natuurlijke chemie die nooit geforceerd aanvoelt. Het album slaagt erin om de oorspronkelijke geest van de composities te bewaren terwijl het tegelijkertijd een frisse interpretatie biedt. Voor wie bekend is met ‘Nuvole Bianche’, zal de benadering herkenbaar zijn maar vernieuwd. De 34 minuten durende reis voelt als een intiem concert tussen vader en zoon, waarbij persoonlijke herinneringen en artistieke visie samensmelten tot iets dat beide generaties overstijgt. (Jan Vranken) (8/10) (Decca Records)
Earl Sweatshirt – Live Laugh Laugh
Earl Sweatshirt bewijst met zijn vijfde studioalbum dat geluk niet ten koste hoeft te gaan van artistieke diepgang. Na jaren van introspectieve donkerte toont deze 24-minuten durende release een rapper die vrede heeft gevonden met vaderschap, huwelijk en volwassenheid. De ironische albumtitel blijkt oprecht bedoeld te zijn. Muzikaal blijft Earl trouw aan zijn kenmerkende abstracte hip-hop stijl, met Theravada en Black Noi$e die hypnotische, stoffige beats leveren. Op ‘Static’ klinkt hij hongeriger dan in jaren, terwijl ‘Crisco’ zijn nieuwe rol als vader onderzoekt. De productie varieert van funkgedreven openers tot dromerige soundscapes die zijn evoluerendee geestesgesteldheid weerspiegelen. Tekstueel toont Earl een verfijning die alleen komt met echte persoonlijke groei. Voor fans die hem kennen van depressieve klassiekers als ‘I Don’t Like Shit, I Don’t Go Outside’, biedt dit album het bewijs dat ook optimisme deel kan uitmaken van zijn artistieke palet. Wie ‘Grief’ of ‘Solace’ waardeerde, zal dit als een welkome evolutie ervaren. (Elodie Renard) (9/10) (Tan Cressida/Warner Records)
Pino Palladino & Blake Mills -That wasn’t a Dream
De tweede samenwerking tussen basgitaarlegende Pino Palladino en producer-gitarist Blake Mills bewijst dat instrumentale muziek nog altijd emotionele verhalen kan vertellen. Deze zeven tracks tellende reis combineert akoestische instrumenten met elektronische manipulaties tot een fascinerend klanklandschap. Album opener ‘Contour’ zet direct de toon met een 5/8 ostinato op nylonsnaren gitaar, terwijl ‘I Laugh in the Face of the Lion’ Palladino’s zeldzame spel op upright bass toont in een bossa nova-setting. Gastmuzikant Sam Gendel voegt met zijn bewerkte fluit en saxofoon extra textuurlagen toe die het geheel naar onverwachte gebieden leiden. Het bijna veertien minuten durende ‘Heat Sink’ vormt het epicentrum van het album, waar Palladino’s stoïcijnse baslijn wordt omringd door synthesizer-clusters. Hun samenspel voelt moeiteloos aan ondanks de muzikale complexiteit. Voor liefhebbers van D’Angelo’s ‘Voodoo’ (waar Palladino ook op speelde) biedt dit album een even rijke, maar meer experimentele ervaring. (Jan Vranken) (8/10) (New Deal/Impulse! Records)
Essex Honey – Blood Orange
Na zeven jaar stilte keert Devonté Hynes terug met zijn meest persoonlijke ‘Blood Orange’-album. Essex Honey ontstond tijdens rouwverwerking na zijn moeders overlijden, waarbij Hynes reflecteerde op zijn jeugd in Essex en muziek als troost. Dit vijfde album kiest bewust voor intimiteit boven dansbare funk. Muzikaal draait alles om piano, aangevuld door cello, zachte breakbeats en organische instrumentatie. De gastenlijst, Caroline Polachek, Lorde, Daniel Caesar, Mustafa, vormt een privé-orkest dat Hynes’ visie ondersteunt. Hoogtepunt ‘The Field’ combineert Polacheks betoverende vocals met drum ‘n’ bass-elementen, terwijl ‘The Last of England’ familiegeluiden van een laatste kerst verwerkt. Enkele nummers vervallen in te grote beslotenheid, waardoor de tweede helft iets aan toegankelijkheid verliest. Desondanks biedt het album voor liefhebbers van de melancholieke schoonheid van ‘Charcoal Baby’ een even aangrijpende maar meer contemplatieve ervaring. (Anton Dupont) (8/10) (RCA Records)
Myd – Mydnight
Na vier jaar wachten keert de Franse producer Myd terug met zijn tweede album ‘Mydnight’, een dancefloor-gerichte evolutie die zijn Ed Banger DNA intact laat. Geboren uit drie jaar intensief touren en DJ-sets wereldwijd, markeert dit album een bewuste verschuiving naar meer club-georiënteerde energy zonder zijn karakteristieke warmte en humor te verliezen. Het verhaal achter de totstandkoming is al legendarisch: toen Myd zijn harde schijf verloor, sloot hij zich een week op in zijn studio en streemde het gehele creatieproces live op Twitch. Deze chaotische ontstaan vertaalt zich in een album dat house, funk en pop naadloos versmelt. Hoogtepunt ‘All That Glitters is Not Gold’ toont Myd op zijn sterkst, met Channel Tres en Trueno in een bass-zware collaboratie die perfect werkt in zowel de club als je koptelefoon. ‘The Wizard’ bevestigt zijn flair voor het omzetten van dancefloor-energie in eigenzinnige pop, terwijl ‘Song for You’ zijn meer gevoelige kant toont. Voor liefhebbers van zijn virale hit ‘The Sun’ biedt Mydnight een volwassener maar toegankelijke versie van die zonnige elektronische magie, nu met meer BPM en minder introversie. (Elodie Renard) (7/10) (Ed Banger Records/Because Music)