Als er één band is die hun naam perfect geplakt heeft op hun performance, dan is het Madness. De Britse band, die begon als The Pirates, maar via The (North London) Invaders al snel werd omgevormd naar de naam die de band inmiddels al 42 jaar draagt, staat garant voor complete madness op het podium en daarbuiten. Dat laatste bleek al uit het interview dat we enkele dagen geleden al plaatsten op Maxazine.

Vanuit The Palladium in Londen streamde de legendarische band, die in de jaren ’80 samen met UB40 het record van meeste weken in de Britse hitlijsten had, een optreden dat alle grenzen overschreed. Geschreven door comedian Charlie Higson, bracht de band een avond die meer was dan muziek alleen.

Madness bracht hun eigen voorprogramma, in de vorm van een reeks videoclips van de band, die de Nutty Boys zelf bespraken, aankondigden, en tussen de clips door wat inzicht gaven in het leven van de muzikanten. Een origineel idee om het inkomende publiek direct bij de strot te grijpen en niet meer los te laten tot het eind van de show. En dat in een gemoedelijke setting, ieder via Zoom opgenomen in ieders eigen huis. Corona-proof.

Bij aanvang werd de band in een oud Polygoon-achtig journaal geïntroduceerd, om om te schakelen naar het heden, waar de bandleden The Palladium betraden, waar Suggs door Higson werd rondgeleid, om uiteindelijk te eindigen in het midden van de zaal, alwaar de rest van de mannen, gezeten op het pluche, al op hem zaten te wachten.

madness

Het werd een voorstelling waarbij spreekstalmeester Higson de band introduceerde aan een flink stel scene’s, waarin Madness door de tijd heen lol maakte en groeide tot het heden. Zelfspot werd daarbij natuurlijk niet geschuwd. Suggs opperde al snel toch beter naar de livestream van Sting te hebben kunnen kijken. De live-performance werd afgewisseld met stukjes publiek, alsmede het insluipen door een ongenode gast, die al snel herkend werd als Lee Thompson.

Drummer Daniel Woodgate bespeelde zijn oude Invaders-drumstel zonder één slag te hebben ingeleverd, altijd hopende op wat hardrock en heavy metal. Wat verraste was het vroege vertrek van Suggs, want ja, er werd gevoetbald vanavond. Gelukkig voor de band betrad Roland Gift het podium al snel. Roland, bekend als zanger van de Fine Young Cannibals, waar hij aansloot bij de ex-The Beat-leden, die hem nog kenden uit de tijd dat Gift als voorprogramma van The Beat, maar ook Madness zelf, trad op met Akryklykz. De auditie ging goed, maar Gift moest al snel weg voor een andere auditie, wat het verhaal goed op gang hield.

De deurbel, ook wel bekend als het intro van ‘Baggy Trousers’, bracht al snel een nieuwe sollicitant, met wie de band ‘The Harder They Come’ van Jimmy Cliff bracht. Volgens de band in het publiek was de sollicitant een vele malen betere geschikte zanger dan Suggs, die het op het eind van de rij bijna in zijn broek deed van het lachen. Toch moest ook deze sollicitant, die we herkenden als Paul Weller, de geïmproviseerde oefenruimte weer verlaten. Suggs zelf kwam uiteindelijk zelf terug om te solliciteren bij een semi-professionele band, en kreeg een laatste kans van de band. Typische Britse humor, gemixt met de muziek van Madness zelf, maakten van het optreden een uniek iets.

Pas toen het gordijn voor het eerste gedeelte viel, lukte het Thompson de zaal te bereiken. Een briljante, niet te evenaren aankondiging voor het tweede deel, opende het spectaculairdere deel van de show. Geen artiest zou het aandurven Queen Elisabeth II, gespeeld door Mike Barson, met een papieren megafoon ‘One Step Beyond’ aan te laten kondigen. Madness deed het, op een wijze waarbij Monty Python in het niets viel. Vanaf dat moment ging het hard. ‘Embarrassment’ liet niets te wensen over, en gaf aan dat de band in 42 jaar nog niets aan energie had verloren. En ook hier durfde de band de zelfspot aan, door “…twice as old…” te vervangen door “…three times as old…”

De band maakte van het event gebruik om door de setlist heen drie nieuwe nummers ten gehore te brengen, die stuk voor stuk perfect in het repertoire van de mannen vielen. En dat is knap, 40 jaar na de hoogtijdagen van de band. En ja, natuurlijk had de stem van Suggs iets ingeboet en is de zanger op zijn 60e natuurlijk niet meer zo vitaal als op zijn 18e, maar toch… Oké, eerlijk is eerlijk, ook Queen Elisabeth lukte het op haar leeftijd nog goed om een aardig stukje mee te dansen. En ook in de huiskamers zullen de voetjes vast en zeker van de vloer zijn gegaan bij het concert.

Madness slaagde er met glans in het publiek te entertainen en na de duizenden livestreams die er het laatste jaar zijn geweest, van grote en kleine artiesten, was dit het summum van entertainment. Geen enkele band ter wereld is het gelukt om zo een show samen te stellen, waarbij opgenomen stukjes op magistrale wijze werden ingevoegd in de live-stream van de band, die ook nog eens compleet van decor wisselde. Higson verdween als geest, liet Madness nog een laatste nummer, om het doek te laten zakken. Madness, madness, they call it madness… en terecht!

 

Deel: